Je rechten
bab449ae-2477-46b3-8fca-27c4c5741bd6
https://www.hetacv.be/je-rechten
true
Actualiteit
59ea6a04-d5cb-49bb-86bf-262457cb04b8
https://www.hetacv.be/actualiteit
true
Diensten
c7cddb17-187f-45c2-a0e2-74c299b8792b
https://www.hetacv.be/dienstverlening
true
Lid worden
abbb02d8-43dd-44b5-ae75-3cd90f78f043
https://www.hetacv.be/lid-worden
true
Het ACV
c62ac78b-1aa2-4cb9-a33b-59e6fc085fb4
https://www.hetacv.be/het-acv
true
Word nu lid

“Wij misten in deze legislatuur onderhandelingen over de filosofie”

Vicepremier Petra De Sutter is minister van Ambtenarenzaken, Overheidsbedrijven, Telecommunicatie en Post in de regering-De Croo. Met de verkiezingen in zicht blikt ze terug op haar legislatuur, samen met Johan Lippens, eerste verantwoordelijke federale overheid voor ACV Openbare Diensten.

Minister De Sutter begon in 2020 aan haar ambtstermijn met veel respect voor de ambtenaar en voor het statuut. “We kwamen uit een periode van jarenlange afbouw van de publieke sector, op financieel vlak, op het vlak van personeelsbestand en van statuten. Mijn ambitie was vanaf het begin om die negatieve evolutie om te buigen en ervoor te zorgen dat mensen fier konden zijn op hun federale ambt.”

Waar kijkt u tevreden op terug?
PDS: “Het aantal mensen dat we aantrokken, nam in die drie jaar toe. En ondanks de opgelegde 2 procent besparing, hebben we toch geïnvesteerd in bepaalde prioritaire domeinen. We botsen heel vaak tegen de limieten van de besparingen. Maar toen er nieuwe gevangenissen werden gebouwd, deden we er alles aan om nieuwe mensen aan te trekken. Hetzelfde bij Fedasil. De regering investeerde veel in de veiligheidsarchitectuur van ons land en in de gezondheidszorg.”

Was dat niet ‘gewoon’ het gevolg van de coronapandemie?
PDS: “We traden aan net na de eerste catastrofale coronagolf. Die golf had gezorgd voor een groeiend respect voor zorgmedewerkers. Tijdens de regeringsonderhandelingen waren zij prioriteit. Ook de veiligheidsdepartementen werden goed bedeeld. Het gevolg was natuurlijk dat andere departementen het mes op de keel gezet kregen en dat enkel ad-hocmaatregelen genomen konden worden. Op lange termijn is dat geen goed beleid. Ik pleit voor een langetermijnvisie op het personeelsbestand dat vertrekt van de kerntaken.” De voorbije jaren waren dus zuiver crisisbeleid?
PDS: “Politiek werkt altijd voor de korte termijn, dat zit ingebakken in ons systeem. Het beleid is ook gestuurd door het feit dat we geen marges hebben. Ook de volgende regering zal het heel moeilijk hebben. Europa wil nieuwe en nog strengere begrotings- en besparingscriteria opleggen.”
JL: “De drugsproblematiek in Antwerpen is een typisch voorbeeld van een kortetermijnbeleid. De regering koos terecht voor een aanpak om drugs op te sporen. Maar daarbij vergat men maatregelen te nemen in de verwerkingsketen van de opgespoorde drugs. Ten koste van de veiligheid van onze douaniers." 

In uw interview voor NT Magazine, kort na uw aantreden, zei u dat u van de overheid de aantrekkelijkste werkgever wilde maken. Is dat gelukt?
PDS: “Een mooie graadmeter daarvoor is het aantal sollicitanten bij de federale overheid. In 2017 waren dat er 89.000, in 2023 125.000. Het aantal voltijdse equivalenten steeg met 2.000 tot 60.500. Dat is misschien niet veel maar we zaten ervoor in een dalende lijn. Die is omgebogen in tijden van arbeidskrapte.”
JL: “Het aantal ambtenaren is inderdaad gestegen maar we zien toch een discrepantie. Ambtenaren solliciteren ook voor jobs die opengesteld zijn voor aanwerving. Dat vervalst de cijfers. Bij dat aantal zit bijvoorbeeld een groot deel penitentiair bewakingsassistenten voor de nieuwe gevangenissen. Om aantrekkelijk te zijn moet je ook investeren in infrastructuur, zodat het personeel niet in verouderde gebouwen moet werken. Dat is nu vaak nog wel het geval.”

Over welke zaken bent u minder tevreden?
PDS: “Een diverse ambtenarij is belangrijk, maar dat is nog geen realiteit. Hoe hoger op de ladder, hoe minder vrouwen. We zijn dat aan het keren. We moeten meer inspanningen doen om mensen met een migratieachtergrond aan te werven. Het aantal medewerkers met een handicap blijft ondermaats. We willen naar dat streefcijfer van 3 procent, maar we zitten amper boven de 1 procent. In 2022 gingen we van 1,06 naar 1,09 procent, te weinig om echt tevreden over te zijn. Sommige departementen doen het net goed, andere slecht. Dat kan ook te maken hebben met de aard van de job. Want ik kan me voorstellen dat het bij cipiers, politie of defensie iets moeilijker ligt om mensen met een handicap aan te nemen.”
JL: “Het heeft ook te maken met de monitoring zelf. Want er zijn mensen die weigeren om in de statistieken te komen. Dat trekt de cijfers ook wat scheef. Wat ook speelt zijn de gevolgen van de besparingen waardoor departementen centraliseren en moeilijker bereikbaar zijn voor personen met een handicap.”
PDS:“We hebben daarom voor hen de vergoeding voor het woon-werkverkeer opgetrokken. Om op je vraag door te gaan: ook wat het sectoraal akkoord betreft, had ik meer willen doen. We hebben lang onderhandeld over een voorakkoord en over de inhoud waren we heel tevreden. Aan de regeringstafel struikelde het over het budget. Anderzijds hebben we de maaltijdcheques al in januari 2024 ingevoerd in plaats van in april 2024. Dat gaat over een netto koopkracht van 950 euro op jaarbasis. Minder dan we wilden, maar er is een ongelijkheid met andere sectoren weggewerkt. De vakbonden vroegen voor het akkoord 300 miljoen per jaar, terwijl wij twee miljard moesten besparen. Dat geld was er niet.
De maaltijdcheques zijn toch goed voor 40 miljoen op jaarbasis. Ik heb daar hard voor moeten vechten. En voor het eerst sinds 20 jaar was er een voorstel voor baremieke verhogingen. De eindejaarstoelage probeerden we er ook bij te betrekken, maar als het over centen gaat heeft elk departement zijn eigen noden. Je kunt daar een regering over laten vallen, maar vergeet niet dat we drie ontzettend moeilijke jaren hadden: corona, de oorlog in Oekraïne, een energiecrisis en inflatie waardoor we met een groot begrotingstekort zitten en een schuldratio die jaren vraagt om weg te werken.” 

Wat is er blijven liggen uit het sectoraal akkoord?
JL: “De afspraken over het tuchtregime en de shiftregeling, dat zijn diensten waar er 24u op 24u personeel aanwezig moet zijn. Dit was belangrijk voor ons omdat we daar op wettelijke grenzen stoten. 
We zien ook een verschuiving van evaluatie naar tuchtmaatregelen. Die procedure moet herbekeken worden. We zitten in de bizarre situatie dat er ofwel een terechtwijzing voor de ambtenaar volgt, ofwel onmiddellijk aan het loon gezeten wordt. Die inhoudingen op wedden kunnen tot 36 maanden gaan en worden steeds vaker toegepast.”
PDS: “Dan moeten we dat nog meenemen, op zijn minst voor een volgend regeerakkoord.”
JL: “Wat wij vooral misten in deze legislatuur waren onderhandelingen. De insteek van de voorzitters van de FOD’s is zoveel mogelijk contractuelen inschakelen omdat ze dan niet via Selor moeten passeren. Maar het hele debat over wat nu echt de bijkomende specifieke opdrachten zijn waarvoor contractuelen in dienst genomen kunnen worden, werd niet gevoerd. Hetzelfde met het evaluatiedossier. Voor ons is dat dé gemiste kans tijdens deze legislatuur. In het beste geval was daar een mooie evaluatieprocedure uit gekomen, gebaseerd op een geïntegreerd hr-beleid met aandacht voor heroriëntering en loopbaan.”
PDS: “Ja, maar we hebben wel veel dossiers behandeld: 80, waarvan 46 met een unaniem akkoord en 34 met een of meerdere niet-akkoorden.”
JL: “In absolute cijfers bent u koploper. We hebben nog nooit zoveel comité B’s gehad. Dat moet ik toegeven. De kanttekening daarbij is dat we kwantitatief veel deden maar dat de inhoudelijke onderhandelingen over de richting die we moeten uitgaan een pak minder waren dan in het verleden. We kregen zelden dossiers te zien voordat ze op de ministerraad terechtkwamen. Daardoor hebben we enkel onderhandelingen gevoerd die veel te juridisch-technisch waren.”
PDS: “Daar heb je wel een punt, Johan, maar misschien heeft dat ook te maken met het feit dat wij probeerden om de situatie van het federale ambt op heel veel punten te verbeteren. Binnen de politieke context van zeven partijen met uiteenlopende visies. Grondige hervormingen konden wij binnen deze regering niet doen. We hebben dan ook veel kleine stapjes moeten zetten.”
JL: “Bij de gelijktrekking van de arbeidsomstandigheden tussen contractuelen en statutairen zagen we een afbouw bij die laatste categorie. Ik denk aan het onbezoldigd verlof om dwingende redenen. Dat leidt in de praktijk soms tot schrijnende situaties. Recent sprak ik iemand die het verlof gebruikte om een weduwenpensioen te kunnen behouden en die dit jaar door dat besluit in de problemen zal komen.”
PDS: “Anderzijds hebben we alles in stelling gebracht om komaf te maken met het medisch pensioen, terwijl we van onze coalitiepartners ‘forget it’ te horen kregen. Je moet daarvoor ook met de deelstaten praten omdat het om gemengde bevoegdheden gaat. We zijn bijna rond en dat zal voor een groep mensen die op jonge leeftijd definitief arbeidsonbekwaam werd en ongewild in de armoede geduwd wordt veel betekenen. We hebben verder het recht op deconnectie doorgevoerd en wat telewerk betreft hebben we onze doelstellingen behaald. Ook voor de telewerkvergoeding hebben we bakens verzet. De maximale vergoeding is reglementair 148,73 euro per maand. Maar we weten allemaal dat werkgevers dat niet geven. In de private sector is het gemiddelde 37 euro, voor de federale ambtenaren is dat 54,50 euro per maand. Dus zo slecht doen we het niet, hé?”

 

Het ACV gebruikt cookies voor de goede werking van zijn websites, om informatie op maat aan te bieden en je persoonlijke ervaring te verbeteren. Door te klikken op ‘Accepteer alle cookies’ geef je toestemming voor het plaatsen van analytische en advertentiecookies. Deze kunnen ook door onze partners gebruikt worden. Je kan de cookies zelf instellen via de knop ‘Beheer je voorkeuren’. Ga naar de pagina cookies en voor meer info of consulteer onze policy  privacybeleid.