Krachtlijn 7

Professionele autonomie is de basis voor blijvend engagement.

Professionele autonomie is de basis voor blijvend engagement

De bescherming en ondersteuning van professionele autonomie is een voorwaarde voor onderwijspersoneel om zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid te kunnen opnemen. 

Professionele autonomie verwijst enerzijds naar de ruimte die onderwijspersoneel moet krijgen om zijn expertise te vertalen naar een gepaste aanpak in zeer concrete en complexe situaties. Variatie in stijl en aanpak zijn daarbij een pluspunt. 

Anderzijds verwijst professionele autonomie naar de situatie waarin onderwijspersoneel niet van buitenaf gehinderd wordt in het opnemen of ondersteunen van onderwijs-, onderzoeks- en dienstverleningsopdrachten. Zonder die autonomie, die structureel verankerd moet zijn, is onderwijspersoneel overgeleverd aan de particuliere eisen van ouders, de politiek, de arbeidsmarkt of andere actoren. 

Actiepunten
  • COC spreekt beleidsmakers in onderwijs aan op hun verantwoordelijkheid om de professionele autonomie van onderwijspersoneel te respecteren. Personeelsleden in onderwijs mogen niet gereduceerd worden tot uitvoerders van een script dat anderen voor hen hebben geschreven. Nieuwe regelgeving en andere beleidsinitiatieven zullen altijd aan dat uitgangspunt worden afgetoetst.

  • COC vraagt dat lerarenopleidingen toekomstige leraren voorbereiden om autonoom antwoorden te kunnen geven op huidige en toekomstige uitdagingen. Dat vraagt vertrouwdheid met bruikbare theoretische inzichten en kritisch oordeelsvermogen. Zo niet zijn ze afhankelijk van anderen en lopen ze risico om gereduceerd te worden tot uitvoerders van stappenplannen en procedures.

  • COC zet het belang van structurele bescherming van de professionele autonomie van onderwijspersoneel op de agenda en verdedigt tegen die achtergrond de vaste benoeming. Die beschermt onderwijspersoneel tegen politieke, economische, persoonlijke of andere eisen die niet stroken met zijn maatschappelijke opdracht.

  • COC vraagt aan de overheid en aan de onderwijsinspectie dat zij het belang van een kwalitatieve kwaliteitscontrole (doorlichting, instellingsreview) erkennen. Dat wil zeggen dat zij hun oordeel niet alleen baseren op een meting van kritische factoren voor effectief onderwijs, maar op intensieve gesprekken met onderwijspersoneel en personeelsvertegenwoordigers. Kwaliteitscontrole mag niet gereduceerd worden tot rekenschap afleggen voor meetbare resultaten, maar moet gebaseerd zijn op dialoog met scholen en onderwijspersoneel over de manier waarop zij autonoom gestalte kunnen geven aan hun vormende opdracht.

  • COC pleit voor digitale hygiëne en wil dat er op schoolniveau afspraken gemaakt worden over het gebruik van elektronische leerplatformen, digitale communicatie en de bereikbaarheid van personeel. 

Personalization

Je webbrowser is verouderd en wordt niet ondersteund door de ACV-website. Klik hier om een nieuwere versie te installeren.