Krachtlijn 1

COC wil een samenleving die voor vormend onderwijs kiest en die daarvoor voldoende middelen en een gepast regelgevend kader voorziet.

COC wil een samenleving die voor vormend onderwijs kiest en die daarvoor voldoende middelen en een gepast regelgevend kader voorziet.

Tegenover de aanhoudende daling van het onderwijsbudget uitgedrukt in termen van onze rijkdom (% bruto regionaal product) en de tendens om onderwijs eenzijdig af te stemmen op de noden van de samenleving, richt COC een oproep tot de samenleving om de eigen finaliteit van onderwijs, namelijk vorming, naar waarde te schatten. Daarvoor moet zij aansturen op voldoende financiële middelen voor vormend onderwijs en een regelgevend kader dat de autonomie van het beleidsdomein onderwijs binnen alle onderwijsniveaus en -sectoren respecteert.

De eigen finaliteit van onderwijs bestaat voor COC in het voorbereiden van (jonge) mensen op kritische deelname aan een democratische samenleving door zichzelf te vormen. Gevormd zijn betekent zich kritisch-constructief verhouden tot de wereld. Dat veronderstelt dat men de wereld leert begrijpen door op een doelgerichte manier stil te staan bij de bouwstenen die ons samenleven en samenwerken organiseren: economie, techniek, recht, levensbeschouwing, wetenschap, wiskunde, taal, politiek, muziek, beeldende kunst… Gevormd zijn betekent dat men, vanuit dat begrip of inzicht, in staat is zelf, eventueel op een vernieuwende manier, met die bouwstenen aan de slag te gaan. In die zin heeft vorming steeds een kritisch-constructief of een maatschappijvernieuwend potentieel. Vormend onderwijs vertrekt van de overtuiging dat iedereen, zonder onderscheid, kan leren en kan begrijpen, eventueel met bijkomende ondersteuning en door inspanning.

Vormend onderwijs is geen gegeven. Het vraagt om een specifieke vorm en specifieke expertise. Het veronderstelt een plek waar men aandacht kan vragen voor leerstof en tijd neemt om samen bij iets stil te staan, geïnteresseerd te raken, te oefenen, opnieuw te proberen en na te denken. Leren in de context van onderwijs is niet hetzelfde als trainen of al doende leren (op de werkplek, als amateur, in de jeugdbeweging…). Met de huidige focus op productiviteit en efficiëntie komen die specifieke vorm en vereiste expertise onder druk te staan.

Actiepunten
  • COC blijft het debat over de finaliteit van onderwijs actief en consequent voeren met de betrokken actoren. Zij plaatst daarbij de vormende opdracht, die voor haar eigen is aan alle onderwijssectoren en die steunt op bekwaam en geëngageerd onderwijspersoneel, centraal. COC vraagt voldoende financiële middelen en een gepast regelgevend kader dat aanstuurt op vormend onderwijs en de nodige autonomie voor het beleidsdomein onderwijs. Andere beleidsdomeinen zoals werk, welzijn, cultuur en inburgering mogen de agenda van het onderwijsbeleid, noch de doelen, de inhouden en de organisatie van onderwijs eenzijdig bepalen. 

  • Naast het basis-, secundair en hoger onderwijs maken ook het volwassenenonderwijs, de centra voor basis- educatie, het deeltijds kunstonderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding deel uit van onderwijs. COC wil dat de overheid erkent dat zij een belangrijke rol spelen in het realiseren van een brede basisvorming voor iedereen. Hun opdracht moet in dat licht afgebakend worden. COC verzet zich tegen de directe koppeling van onderwijs aan de Vlaamse Kwalificatiestructuur, tegen verdere modularisering van opleidingen, outputgerichte financiering en andere beleidsmaatregelen die de vormende opdracht van die sectoren sterk onder druk zetten. 

  • COC vraagt blijvende aandacht, intern en extern, voor de taal die gehanteerd wordt om over onderwijs te spreken, zowel in praktijkgerichte als in beleidsdocumenten. COC wenst niet te spreken over service level agreement, dienstverlening, efficiëntie, return on investment, ontwikkeling, leerresultaten, output, coaching, management, responsiviteit en flexibiliteit. COC reikt vanuit haar visie op vormend onderwijs andere woorden aan om over onderwijs te spreken, zoals vorming, onderwijsdoelstellingen, beroepseer, verantwoordelijkheid, expertise en autonomie.

  • COC pleit voor een substantiële verhoging van het onderwijsbudget als aandeel van het bruto regionaal product en voor een financieringssysteem dat niet gebaseerd is op meetbare resultaten (leerwinst, efficiëntiewinst, inzetbare leerresultaten…) en verdere deregulering. COC wil voor elk onderwijsniveau en elke -sector een financieringssysteem dat meer tijd en ruimte geeft aan onderwijspersoneel om voor alle (jonge) mensen een voldoende breed aanbod en de nodige ondersteuning te garanderen. Middelen moeten gebruikt worden waarvoor ze bedoeld zijn. Dat veronderstelt transparante communicatie en inspraak van onderwijspersoneel over de aanwending van alle middelen.

  • COC beklemtoont dat de invulling van specifieke functies (preventieadviseur, zorgcoördinator, leerlingenbegeleider, paramedisch personeel, kwaliteitscoördinator…) gefinancierd moet worden met voldoende gekleurde middelen.
  

Personalization

Je webbrowser is verouderd en wordt niet ondersteund door de ACV-website. Klik hier om een nieuwere versie te installeren.