Ziekenfonds en ziekte-uitkering

Doe je beroep op een ziekte-uitkering, dan moet je enkele afspraken naleven tegenover je ziekenfonds. Lees ze hier na.

Moet je een een ziekte-uitkering aanvragen, dan heb je naast de procedure tegenover je werkgever ook een aantal afspraken met je ziekenfonds na te leven.  De regels zijn strikt.  Zorg dat je in orde bent met:

 

Medisch attest

Om een ziekte-uitkering te ontvangen, moet je een medische getuigschrift van arbeidsongeschiktheid aan de adviserend geneesheer van je mutualiteit bezorgen. Je kan het formulier bij je mutualiteit opvragen of hier het CM-aangifteformulier arbeidsongeschiktheid zelf downloaden (pdf). 

Ben je opgenomen in het ziekenhuis, dan is deze formaliteit overbodig.  Het bewijs van hospitalisatie geldt als bewijs van je arbeidsongeschiktheid.  Voor de periode van herstel na je verblijf in het ziekenhuis, je herstel thuis of in een revalidatie-, rust- of verzorgingsinstelling bezorg je wel een attest.

Ruimere specificaties en strike procedure
  • In tegenstelling tot het getuigschrift voor je werkgever, zal het medisch attest van arbeidsongeschiktheid voor het ziekenfonds wel de aard de ziekte of diagnose vermelden. Het attest wordt daarom onder gesloten omslag rechtstreeks naar de adviserende geneesheer gestuurd.  
  • Bovendien moet het medisch getuigschrift de begin- en einddatum van de ongeschiktheid vermelden. In geval van verlenging of terugval moet het getuigschrift binnen de 48 uur bezorgd worden. Ook professionele of sociale moeilijkheden die een invloed kunnen hebben op de werkhervatting, kunnen opgenomen worden.
  • Het getuigschrift moet per post of rechtstreeks én tegen ontvangstbewijs aan de adviserend geneesheer worden bezorgd.
Tijdstip

Je moet het medisch attest verzenden of bezorgen ten laatste op de 2de dag die volgt op het begin van de arbeidsongeschiktheid. Wanneer de ziekteperiode volgt op een verblijf in het ziekenhuis dan begint de termijn van 2 dagen na de einddatum van de ziekenhuisopname. De poststempel geeft de datum van verzending aan. 

Een voorbeeld:  je wordt ziek op maandag.  Dan moet je attest ten laatste op woensdag verstuurd zijn.  Word je op een zaterdag ziek, dan verstuur of bezorg je het ten laatste op maandag. 

Zolang je recht op gewaarborgd loon ten laste van je werkgever hebt, is het nutteloos om een ziekte-uitkering aan te vragen. In dat geval wordt de termijn voor het indienen van het getuigschrift ruimer bekeken:

  • Als arbeider kan je tot de 14de dag na het begin van de arbeidsongeschiktheid je attest versturen.
  • Een bediende kan dit tot de 28ste dag doen.

Wordt het getuigschrift te laat verstuurd, dan zal de uitkering tegen het normaal tarief pas toegekend vanaf de eerste werkdag volgend op de verzending van het getuigschrift of het overhandigen ervan aan de adviserend arts.  Voor de dagen die daaraan voorafgaan, wordt de uitkering met 10% verminderd.

Betaling van uitkeringen: inlichtingenblad

Na ontvangst van het getuigschrift zal het ziekenfonds je een inlichtingenblad toesturen dat door je werkgever moet worden ingevuld. Dit document bevat de noodzakelijke gegevens voor de berekening van de uitkering.

De uitkering van de ziekteverzekering bedraagt 60% van je brutoloon (is geplafonneerd). Wanneer je ziekte langer duurt dan 1 jaar zal het ziekenfonds je dossier voorleggen aan het RIZIV, om je eventueel een invaliditeitsuitkering toe te kennen.

Op deze uitkering primaire arbeidsongeschiktheid (het eerste jaar arbeidsongeschiktheid) wordt bedrijfsvoorheffing ingehouden. De uitkering wordt inderdaad belast als loon, maar er geldt een belastingvermindering.  Op de invaliditeitsuitkering (na 1 jaar arbeidsongeschiktheid) wordt geen bedrijfsvoorheffing ingehouden. Let wel: neem je voorzorgen want op je aanslagbiljet zal je merken dat er toch nog een bedrag aan belastingen te betalen valt.

Weigering ziekte-uitkering

De adviserend arts mag nagaan of je weldegelijk arbeidsongeschikt bent. Net zoals een controlearts kan hij je oproepen voor een medisch onderzoek. Hij kan je hierop arbeidsgeschikt verklaren. 

  • Ben je het eens met zijn beslissing, dan hervat je in principe het werk bij je werkgever.
  • Ben je intussen je werk kwijtgeraakt, dan moet je een aanvraag voor werkloosheidsuitkering indienen.  Voldoe je niet aan de voorwaarden voor een ziekte-uitkering, maar ben je niet in staat om het werk te hervatten, dan doe je eveneens een aanvraag voor werkloosheidsuitkering. 
  • Ben je het niet eens met de beslissing van het ziekenfonds, dan kan je bezwaar indienen bij de arbeidsrechtbank. Het bezwaar moet worden ingediend binnen de 3 maanden na de beslissing.

Als lid van het ACV kan de rechtskundige dienst van je verbond je bijstaan. Neem hiervoor contact op met je ACV-dienstencentrum.

In afwachting van een beslissing van de rechtbank kan je een werkloosheidsuitkering ontvangen.  Wij raden je aan je werkloosheidsuitkering pas aan te vragen nadat je besloten hebt de beslissing van het ziekenfonds te betwisten, dus nadat je je behandelend geneesheer hierover hebt geraadpleegd. Indien je een werkloosheidsuitkering aanvraagt en nadien besluit geen bezwaar in te dienen, riskeer je een geschil met de RVA.

Hervatting van het werk

Ben je niet langer arbeidsongeschikt, dan hervat je het werk. Ben je je werk intussen kwijtgeraakt, kan je je als werkloze inschrijven.  Je bezorgt je ziekenfonds een ‘bericht van werkhervatting’ zodat zij de ziekte-uitkering tijdig kan stopzetten.

Indien je het werk geleidelijk of deels terug wenst op te nemen bij je eigen of andere werkgever, of een of andere activiteit wenst uit te oefenen, moet  je toestemming vragen aan de adviserend arts van  je ziekenfonds. Eventuele inkomsten uit die activiteit worden deels in mindering gebracht van je uitkering. Wil je na ziekte terug aan de slag?  Lees er meer over:

More Info

Personalization

Je webbrowser is verouderd en wordt niet ondersteund door de ACV-website. Klik hier om een nieuwere versie te installeren.