OPINIE: Openbare zorg straks in commerciële handen?

De commissie voor Binnenlands Bestuur, Gelijke kansen en Inburgering van het Vlaams Parlement heeft donderdag 1 juli het voorstel van decreet goedgekeurd dat welzijnsverenigingen (openbare zorgbedrijven) de mogelijkheid moet geven om verenigingen en vennootschappen te kunnen oprichten en dat commerciële zorgaanbieders toelaat te participeren aan het bestuur. Vermoedelijk zal het voorstel volgende woensdag aan de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement ter stemming worden voorgelegd. ACV Openbare Diensten heeft de voorbije maanden alle mogelijke middelen aangewend om de parlementsleden te overtuigen om het voorstel in te trekken of niet goed te keuren.

Tijdens de hoorzitting van maandag 28 juni, waarop ook ACV Openbare Diensten haar standpunt heel duidelijk heeft uiteengezet, bleek nochtans niemand van de genodigden het decreet te verdedigen, en ook de Vlaamse Raad voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin (WVG) gaf een vernietigend advies: “De Raad kan zich niet akkoord verklaren met dit voorstel van decreet. Het vreest dat het voorstel een negatieve impact zal hebben op het hele beleidsdomein WVG omdat het ingrijpt in een aantal fundamenten van het Vlaamse zorg- en welzijnssysteem en de commercialisering in zorg en ondersteuning faciliteert.” Ook de sector zelf blijkt helemaal geen vragende partij te zijn. Waarom blijft de meerderheid dan doof en vastberaden om al die adviezen naast zich neer te leggen?

Gelijk speelveld

Een van de redenen die aangehaald worden, gaat over de concurrentiële positie van de publieke sector die in het nadeel is ten opzichte van de private sector. Uiteraard vinden wij ook dat de publieke sector over dezelfde instrumenten en voordelen moet kunnen beschikken als de private sector. Daar hebben wij destijds ook op gehamerd, toen de taxshift op federaal niveau werd besproken. Maar het waren de meerderheidspartijen (nota bene de indieners van het huidige voorstel van decreet) die zich toen hevig hebben verzet tegen het voorstel om de voordelen van de taxshift ook toe te kennen aan de publieke initiatieven in rechtstreekse concurrentie met private spelers.

Dat de meerderheid nu de negatieve gevolgen van die beslissing wil oplossen door speciale constructies in het leven te roepen, is toch al te gek. De weg om die ongelijkheid weg te werken is niet privatisering en commercialisering maar wel de aanpak aan de bron. Verschillende actoren vragen dat de indieners met hun federale collega’s overleggen en de ongelijkheden daar wegwerken. In het federaal parlement kan daarvoor gemakkelijk een meerderheid worden gevonden. Waarom gebeurt dat niet? 

Zorgbedrijf Antwerpen

Ook de snelheid, is opmerkelijk. Al weet iedereen ondertussen wel waarom de decreetwijziging er zo snel moet worden doorgejaagd. Het Zorgbedrijf Antwerpen heeft namelijk al enkele jaren privatiseringsplannen. Beleidskeuzes in Antwerpen zorgen er immers voor dat de dotatie van de stad aan het Zorgbedrijf drastisch moet verminderen en op termijn zelfs volledig verdwijnt. Het Zorgbedrijf moet dus op zoek naar andere inkomsten. Kan het echt de bedoeling zijn dat een decreet het hele zorglandschap contamineert omwille van de privatiseringsplannen van 1 organisatie? Daar lijkt het spijtig genoeg wel op. 

Marktmechanisme

De impact van het decreet is enorm. Het laat de commerciële sector toe binnen de openbare initiatieven, en daarmee doet ook het marktmechanisme zijn intrede in zorg en welzijn. En het zullen niet de kleine commerciële spelers zijn, maar wel de grote, meestal beursgenoteerde vennootschappen die in de eerste plaats uit zijn op winst, vooral dan op het vlak van vastgoed. Een openbare sector mag niet onderhevig zijn aan de wetten van de commerciële sector. Privaat kapitaal is nooit vrijblijvend en zal hoe dan ook gepaard gaan met een verlies van zorgkwaliteit, besparingen op het personeel of een hogere kostprijs voor de bewoners, gebruikers of cliënten. 

Het voorstel viseert trouwens niet alleen de woonzorgcentra, maar de volledige zorg- en welzijnssector. Ook in de jeugdzorg, kinderopvang, thuisverpleging, gehandicaptenzorg, thuiszorg … wordt de deur opengezet voor commercialisering. 

Gevolgen voor personeel

De consequenties voor het personeel zijn niet min. Statutair personeel zal gedetacheerd worden naar de private entiteiten. Contractueel personeel zal wat men noemt ‘worden overgedragen’. Dat betekent vooral dat het personeel uiteindelijk andere loon- en arbeidsvoorwaarden zal krijgen. Het ‘behoud van rechten’ is in het voorstel immers maar beperkt tot 1 jaar, wat in strijd is met de Europese Richtlijn ‘Overgang van onderneming’. 

De plannen van het Zorgbedrijf Antwerpen geven goed aan tot welke ingewikkelde constructies we uiteindelijk zullen komen: de publiekrechtelijke entiteit, twee BV’s en één NV. Minstens 7 verschillende paritaire comités zullen betrokken zijn, naast de statutairen die verder onder de rechtspositie vallen van het Zorgbedrijf. Vele honderden personeelsleden zullen er niet op vooruitgaan, of zullen minstens hun loopbaan niet zien evolueren zoals ze oorspronkelijk voor ogen hadden. Plots onder een andere juridische werkgever vallen, met andere loon- en arbeidsvoorwaarden, zal leiden tot sociale onrust en de cohesie op de werkvloer verbreken. Ongeveer 1/3 van de huidige personeelsleden komt volgens de voorstellen terecht in een paritair comité dat niet (meer) onder de non-profit valt. Het personeel wordt een speelbal en krijgt de juridische werkgever die het best uitkomt voor de overkoepelende werkgever.

Er werd dit jaar eindelijk een nieuw sociaal akkoord (VIA6) afgesloten voor de zorgsector, maar de personeelsleden die in commerciële entiteiten worden ondergebracht, zullen daar niet van kunnen genieten. Je zal het maar meemaken, na de harde inspanningen die de zorgmedewerkers hebben geleverd, en nog elke dag leveren.  

Jan Mortier, coördinator voor de openbare zorgsector bij ACV Openbare Diensten

Personalization