Personeelsreglementering rond corona in het nieuwe schooljaar

©Shutterstock

Minister van Onderwijs Ben Weyts deelde enkele beslissingen mee rond de personeelsreglementering die geldt in het nieuwe schooljaar en die verband houdt met de coronapandemie. 

Personeelsreglementering zoals 'pre-corona'

Minister Weyts wil het schooljaar 2021-2022 “zo normaal mogelijk laten starten, ook op het vlak van de personeelsreglementering.” Dat houdt in dat hij teruggrijpt naar de reglementering die van toepassing was in de periode vóór corona. Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt daarop geen uitzondering gemaakt, ook al is de toestand daar allesbehalve genormaliseerd. Er komt dus ook geen verlenging meer van de maatregelen die bij Besluit van de Vlaamse Regering of op andere manieren rond personeelsreglementering en corona waren vastgelegd.

Concreet betekent dat dat de dienstonderbreking DO-46 (heirkracht) niet meer kan gebruikt worden in het kader van een coronasituatie. Dat houdt in dat:

  • volledig gevaccineerde personeelsleden die toch arbeidsongeschikt zouden zijn met ziekteverlof gaan.
  • personeelsleden die niet gevaccineerd mogen worden om medische redenen, maar kunnen en willen werken, via de arbeidsarts eventueel aangepaste arbeidsomstandigheden kunnen bekomen, zoals afstandsonderwijs of onderwijs onder aangepaste omstandigheden. De arbeidsarts kan een advies uitbrengen i.v.m. extra beschermingsmaatregelen. Het schoolbestuur beslist echter of het daarop ingaat of niet. Als het schoolbestuur dat niet doet, moet het die beslissing motiveren. Wanneer werken via aangepaste arbeidsomstandigheden niet mogelijk is en het risico bij fysieke aanwezigheid op school door de arbeidsarts erkend wordt als te hoog, gaan ook deze personeelsleden met ziekteverlof.
  • personeelsleden die een vaccin geweigerd hebben, geen risico meer kunnen inroepen. Zij moeten een verlofstelsel Afwezigheid voor Verminderde Prestaties (AVP) nemen als zij toch afwezig willen zijn.
  • samenleven met een risicopatiënt geen obstakel meer kan vormen voor de aanwezigheid in de onderwijsinstelling.

Daarnaast houdt een ‘normalisering van de regelgeving’ ook het volgende in:

  • het afleveren van medische attesten en andere documenten door artsen wordt opnieuw ingevoerd. Om de werkdruk van de artsen tijdens de coronacrisis te verminderen, was het afleveren van die documenten niet meer verplicht en konden onderwijsinstellingen hun personeelsleden ziek melden zonder doktersattest. De ‘gewone procedure’ met de specifieke modellen (afwezigheidsattest voor de school, medisch attest voor Certimed …) is dus weer van toepassing.
  • de uitbreiding van het verlof wegens overmacht wordt niet meer verlengd. Vanaf 1 september 2021 is het niet meer mogelijk om overmacht in te roepen wanneer bijvoorbeeld de kindercrèche gesloten is door een COVID-19-uitbraak.
  • afwezige personeelsleden kunnen niet meer vervangen worden vanaf de eerste dag van hun afwezigheid. De gewone regels van de vervangingen van afwezige personeelsleden zijn terug van toepassing vanaf 1 september 2021.

Besmettingen, quarantaine ...

Personeelsleden die besmet zijn met COVID-19 en die ook effectief ziek zijn, zijn uiteraard arbeidsongeschikt en hebben recht op een afwezigheid wegens ziekte. Wie besmet is, maar wel in staat is om te werken, kan bijvoorbeeld afstandsonderwijs geven of thuiswerken. Wanneer dat niet mogelijk is, moet het personeelslid in ziekteverlof gaan.

Personeelsleden die in quarantaine zouden moeten gaan, moeten met het volgende rekening houden:

  • Personeelsleden die in quarantaine moeten door een terugkeer uit het buitenland, worden ingezet in thuiswerk en afstandsonderwijs. Als dat niet mogelijk is, moet het personeelslid een van de bestaande verlofstelsels, bijvoorbeeld AVP, opnemen.
  • Personeelsleden die in quarantaine moeten door een hoogrisicocontact worden ingezet in thuiswerk of afstandsonderwijs. De website van het ministerie van Onderwijs zegt op dit ogenblik dat het personeelslid een van de bestaande verlofmogelijkheden moet opnemen wanneer thuiswerk of afstandsonderwijs niet mogelijk is.
    Op het overleg werd echter meegedeeld dat die personeelsleden in ziekteverlof konden gaan. COC is momenteel in gesprek met minister Weyts om die problematiek uit te klaren.

Mondmaskers

Er was nog onduidelijkheid over de exacte regels voor het dragen van een mondmasker in de onderwijsinstellingen. Ondertussen is op de website van Onderwijs Vlaanderen over corona de informatie daarover aangepast. Voor alle duidelijkheid: in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zijn strengere regels van toepassing!

In het basisonderwijs moeten de leerlingen geen mondmasker dragen. Personeelsleden zijn enkel nog verplicht een mondmasker te dragen bij onderlinge contacten waarbij de afstand niet gegarandeerd kan worden. Tijdens het lesgeven in de eigen klas mogen leerkrachten het mondmasker afzetten, op voorwaarde dat de leerlingen neerzitten of stilstaan. Personeelsleden moeten evenmin een mondmasker dragen wanneer ze in contact komen met kleuters (kleuteronderwijs), ongeacht de afstand.

In het secundair onderwijs is het mondmasker niet verplicht in het leslokaal wanneer de leerlingen neerzitten of stilstaan. Ook de leerkrachten mogen, wanneer leerlingen neerzitten of stilstaan, tijdens het lesgeven het mondmasker aflaten. De leraar mag dat ook tijdens het rondlopen in de klas, het schrijven aan het bord … Mondmaskers moeten evenmin gedragen worden tijdens sportactiviteiten. Voor alle activiteiten buiten het leslokaal gelden de algemene regels van de maatschappij. Zo is er bijvoorbeeld een mondmaskerplicht op de speelplaats en in de gangen als de afstandsregels niet kunnen worden gerespecteerd.

Bij vergaderingen en andere contacten tussen personeelsleden onderling, bijvoorbeeld in het leraarslokaal, is er mondmaskerplicht. De mondmaskerplicht is niet van toepassing wanneer er stilgezeten wordt aan tafel.

 


 


 

Personalization