Wijzigingen aan de reaffectatieregelgeving

 

De Vlaamse Regering wijzigt met ingang van 1 september 2020 een aantal bepalingen in het ‘Besluit van de Vlaamse Regering van 29 april 1992 betreffende de verdeling van de betrekkingen, de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking, de reaffectatie, de wedertewerkstelling en de toekenning van een wachtgeld of wachtgeldtoelage’ of het zogenaamde reaffectatiebesluit. 

Ze wil ook hiermee het lerarentekort aanpakken, door zoveel mogelijk leraren voor de klas te krijgen. Door de reactivatie van de reaffectatiecommissie van de scholengroep in het Gemeenschapsonderwijs en van de Vlaamse reaffectatiecommissie zullen meer vacatures zichtbaar worden en meer personeelsleden vatbaar worden voor reaffectatie en wedertewerkstelling. De opschorting van die reaffectatiecommissies in 2015 en 2019 leidde er namelijk toe dat personeelsleden die TBSOB waren (ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking), maar aan een beperkt aantal instellingen konden toegewezen worden.

Nieuw is ook de verruiming van de mogelijkheden van het professionaliseringstraject, dat tot nu enkel in het volwassenenonderwijs bestond. Ook daar ziet de Vlaamse Regering mogelijkheden om het lerarentekort te verhelpen. Een wedertewerkstelling zal niet langer beperkt zijn tot een ambt in dezelfde personeelscategorie. Een inrichtende macht zal voortaan verplicht worden om ook vanuit een andere personeelscategorie weder te werk te stellen in een ambt van het bestuurs- en onderwijzend personeel als iemand daarvoor een vereist bekwaamheidsbewijs heeft. En door de pedagogische begeleidingsdiensten eveneens onder deze regelgeving onder te brengen, kan de expertise van deze TBSOB-personeelsleden ingezet worden in de scholen(gemeenschap) of op de klasvloer. 

Deze maatregelen hebben voor de Vlaamse Regering ook een positief budgettair effect: ze moeten volgens de meerjarenraming 12 miljoen euro opleveren. 

Reactivatie van de reaffectatiecommissies 

Sinds 1 september 2015 was de werking van de Vlaamse reaffectatiecommissie opgeschort voor scholen van het gewoon en buitengewoon basis- en secundair onderwijs die tot een scholengemeenschap behoren.  In september 2019 werd ook de werking voor de centra voor volwassenenonderwijs opgeschort. Vanaf 1 september 2020 zullen de Vlaamse reaffectatiecommissie en de reaffectatiecommissie van de scholengroepen echter weer volop in werking treden voor de genoemde scholen en centra. Deze eerste belangrijke wijziging heeft een aantal gevolgen voor de personeelsleden en voor de bevoegdheden van de reaffectatiecommissies.

Wie in het basis- of secundair onderwijs TBSOB is in een scholengemeenschap en door de reaffectatiecommissie van die scholengemeenschap geen toewijzing in een organieke betrekking in de scholengemeenschap kan krijgen, zal vanaf 1 september 2020 géén niet-organieke betrekking meer toegewezen krijgen in de scholengemeenschap. Hij/zij moet dan gemeld worden aan de eerstvolgende reaffectatiecommissie: voor het gemeenschapsonderwijs is dat de reaffectatiecommissie van de scholengroep, voor het gesubsidieerd onderwijs de Vlaamse reaffectatiecommissie. Het personeelslid krijgt dan vanwege de respectieve reaffectatiecommissie een toewijzing in een organieke betrekking. 

Voor TBSOB-personeelsleden van de CVO geldt een gelijkaardige procedure: wanneer geen organieke betrekking mogelijk is bij het centrumbestuur of bij een CVO van hetzelfde centrumbestuur, is er vanaf 1 september 2020 géén niet- organieke betrekking meer mogelijk bij het centrumbestuur. Het personeelslid moet dan gemeld worden bij de eerstvolgende reaffectatiecommissie. Ook hier is dat voor het gemeenschapsonderwijs de reaffectatiecommissie van de scholengroep en voor het gesubsidieerd onderwijs de Vlaamse reaffectatiecommissie. Die zal een toewijzing doen in een organieke betrekking. 

De nieuwe maatregel heeft ook gevolgen voor het gegeven ‘betrekking niet vatbaar voor  reaffectatie of wedertewerkstelling’. Een betrekking is voor een tijdelijk personeelslid niet meer vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling wanneer het personeelslid een dienstanciënniteit in hoofdambt verworven heeft van ten minste 580 dagen gespreid over ten minste twee schooljaren. Vanaf dan zal een betrekking niet meer kunnen ingenomen worden door reaffectatie of wedertewerkstelling. Dat is de zogenaamde immuniteit. Die gaat pas in nadat de eerste reaffectatiecommissie haar werkzaamheden heeft vervuld.

(ter info: een niet-organieke betrekking is een betrekking die niet wordt aangerekend op de personeelsomkadering van de instelling die door de overheid wordt toegekend. Een TBSOB-personeelslid kan daarin worden toegewezen en er is geen vervanging mogelijk)

Wijzigingen volgorde verplichtingen inrichtende machten - bevoegdheden reaffectatiecommissies

Een TBSOB-personeelslid waarvoor de Vlaamse reaffectatiecommissie geen reaffectatie of wedertewerkstelling vindt, krijgt een toewijzing als ondersteuning in een niet-organieke betrekking aan een scholengemeenschap of aan een inrichtende macht. 

Rond de toewijzing aan een scholengemeenschap (basisonderwijs, secundair onderwijs) worden in de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap een aantal voorstellen voor de invulling van de ondersteuning besproken. Daarvoor gelden een aantal principes. Uitgaande van de vaste benoeming en de bekwaamheidsbewijzen wordt het personeelslid liefst in één school ingezet, maar in meerdere scholen kan ook. Wanneer het een betrekking betreft die als ‘hetzelfde ambt’ wordt beschouwd, moet het personeelslid die betrekking aanvaarden. Wanneer een betrekking in ‘hetzelfde ambt’ niet kan, wordt een betrekking in een ‘ander ambt’ in dezelfde personeelscategorie toegewezen. Een personeelslid kan dat weigeren, maar dan volgt een tewerkstelling in administratieve ondersteuning met bijhorende prestatie- en vakantieregeling. De scholengemeenschap kan ook een professionaliseringstraject met het personeelslid afspreken (zie verder). 

Bij toewijzing als ondersteuning in een niet-organieke betrekking aan een instelling die niet tot een scholengemeenschap behoort (basis- en secundair onderwijs, maar bijvoorbeeld ook DKO, volwassenenonderwijs), gelden dezelfde principes en kan ook een professionaliseringstraject worden afgesproken. 

Vanaf 1 september 2020 is de inrichtende macht verplicht om TBSOB-personeelsleden die in een ambt van een andere personeelscategorie dan die van het bestuurs- en onderwijzend personeel werken, weder te werk te stellen in de categorie van het bestuurs- en onderwijzend personeel.

Een voorbeeld uit het secundair onderwijs: Een vastbenoemde opvoeder met diploma educatieve bachelor heeft ook een vereist bekwaamheidsbewijs voor het algemeen vak Frans. Op 1 september wordt hij TBSOB. Er is geen vacature in het ambt van opvoeder of administratief medewerker en ook in de scholengemeenschap is er geen vacature bij het ondersteunend personeel, maar wel voor het algemeen vak Frans in de eerste graad. Op basis van zijn vereist bekwaamheidsbewijs voor het vak Frans is de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap verplicht om hem deze vacature als wedertewerkstelling in een ander ambt toe te wijzen.  

TBSOB-personeelsleden die in het ambt van een andere personeelscategorie dan het bestuurs- en onderwijzend personeel werken, kunnen nu ook vrijwillig weder te werk gesteld worden in een ambt van het bestuurs- en onderwijzend personeel. Dat ambt moet voor het personeelslid dan een ‘ander ambt’  zijn. 

De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap moet na de reaffectaties en wedertewerkstellingen de nodige gegevens bezorgen aan de eerstvolgende reaffectatiecommissie: hetzij de reaffectatiecommissie van de scholengroep, hetzij de Vlaamse reaffectatiecommissie. Het gaat over de TBSOB-personeelsleden waarvoor in de scholengemeenschap geen reaffectatie of wedertewerkstelling voorhanden was en over de resterende vacatures in de scholengemeenschap. Ze moet ook zorgen dat de personeelsleden die door de Vlaamse reaffectatiecommissie een toewijzing in een niet-organieke betrekking kregen, effectief een toewijzing krijgen (zie hoger). 

De Vlaamse reaffectatiecommissie genereert zelf de gegevens van de werkzaamheden van de reaffectatiecommissie van de scholengroepen van het Gemeenschapsonderwijs via het elektronisch personeelsdossier (gegevens resterende vacatures, TBSOB-personeelsleden waarvoor (nog) geen toewijzing mogelijk was). 

Bestendigheid van reaffectatie

Een reaffectatie of wedertewerkstelling blijft behouden over de schooljaren heen. Dat blijft zo voor de toewijzingen die een inrichtende macht vrijwillig deed voor 1 september 2020. 

Maar wanneer een inrichtende macht op of na 1 september 2020 op eigen initiatief een reaffectatie of wedertewerkstelling toewijst aan een TBSOB-personeelslid van een andere inrichtende macht, dan geldt de bestendigheid niet. Wanneer de inrichtende macht echter beslist om het personeelslid het schooljaar nadien opnieuw via vrijwillige reaffectatie of wedertewerkstelling aan te stellen, dan wordt ze wel terug bestendig én blijft ze behouden over de schooljaren heen. 

Professionaliseringstraject

Het professionaliseringstraject (dat tot nu toe enkel bestond in de CVO) is bedoeld voor een TBSOB-personeelslid dat van de Vlaamse reaffectatiecommissie een toewijzing kreeg in een niet-organieke betrekking aan een scholengemeenschap of een instelling. De inrichtende macht van de school, de academie of het centrum kan dit traject aan het personeelslid aanbieden. Het personeelslid is niet verplicht om erop in te gaan. 

Het is de bedoeling om de inzetbaarheid van het personeelslid in zijn/haar ambt daardoor te verhogen, of om het personeelslid in te zetten in een ander(e) vak, opleiding, module, of zelfs een ander onderwijsniveau als het personeelslid en de inrichtende macht het daarover eens worden. Een professionaliseringstraject kan maar één keer worden aangeboden tijdens de loopbaan. Het duurt maximaal twee schooljaren, maar kan ook korter zijn. 

Het professionaliseringstraject wordt opgesteld in overleg tussen de inrichtende macht en het personeelslid. Wanneer ze het eens zijn, stellen ze een overeenkomst op. Die overeenkomst bevat minstens elementen als:
  • Een omschrijving van de bijkomende te behalen competenties en het doel ervan.
  • De wijze waarop die competenties moeten behaald worden. Het traject moet dus haalbaar zijn en er moet rekening gehouden worden met andere opdrachten van het personeelslid in een ander ambt of in een andere instelling.
  • De duur van het traject. 
  • De wijze waarop de inrichtende macht zal beoordelen of de bijkomende competenties zijn verworven. In elk geval is dat bijvoorbeeld een certificaat, getuigschrift, een diploma dat opgenomen is in de lijst bekwaamheidsbewijzen zoals de overheid bepaalt voor het overeengekomen vak, module, ambt.
  • De afspraken over de betaling van alle kosten (die de inrichtende macht op zich neemt).

Het vastgelegde professionaliseringstraject wordt ook in de functiebeschrijving opgenomen. Wanneer het personeelslid en de inrichtende macht het niet eens raken, blijft het personeelslid aangesteld in de niet-organieke betrekking.

Tijdens het professionaliseringstraject ontvangt het personeelslid zijn salaris in de vorm van een wachtgeld. De jaarlijkse vermindering van het wachtgeld die normaal gebeurt bij een TBSOB zonder opdracht, wordt voor de duur van het traject opgeschort. Maar de opschorting van die vermindering kan niét als het personeelslid zijn traject voortijdig beëindigt. Bij succesvolle beëindiging van het traject wordt het personeelslid gemeld aan de bevoegde reaffectatiecommissie en kan het ingezet worden in een afgesproken opleiding of ambt. Een toewijzing in een niet-organieke betrekking is mogelijk. Maar dat kan pas na het succesvol beëindigen van het traject. 

Als het professionaliseringstraject leidt tot een bijkomende onderwijsbevoegdheid, wordt die onderwijsbevoegdheid opgenomen in de draagwijdte van de benoeming en de definitie van ‘hetzelfde ambt’. 

Pedagogische begeleidingsdiensten

De personeelsleden van de pedagogische begeleidingsdiensten vallen vanaf 1 september 2020 ook onder het toepassingsgebied van dit besluit. TBSOB-personeelsleden kunnen worden gereaffecteerd of weder te werk gesteld binnen de pedagogische begeleidingsdienst of daarbuiten. 

‘Technische’ wijzigingen

  • In de bepaling van ‘hetzelfde ambt’ voor het deeltijds kunstonderwijs wordt de lijst met de zogenaamde ‘individuele vakken’ aangevuld. Het gaat over de vakken: Zang musical en Zang opera/muziektheater. Deze wijziging wordt al sinds 1 september 2019 zo toegepast en treedt ook met terugwerkende kracht tot dan in werking. 
  • Het wachtgeld voor de personeelsleden uit HBO (en SLO) van een CVO die voor 31 augustus 2019 TBSOB werden en tijdelijk aan een hogeschool werken, wordt opgeschort voor de duur en overeenkomstig het volume van de tijdelijke opdracht aan de hogeschool. Deze wijziging wordt al sinds 1 september 2019 toegepast en treedt ook met terugwerkende kracht tot dan in werking. 
  • De reaffectatie- en wedertewerkstellingsverplichtingen moeten ook uitgevoerd worden voor boventallige personeelsleden die afwezig zijn (ziekte, verlofstelsel …). Dat was al altijd verplicht, maar wordt opnieuw verduidelijkt in de regelgeving.   
COC ging akkoord met dit wijzigingsbesluit. De bepaling die de bestendigheid van de vrijwillige reaffectatie en wedertewerkstelling gedeeltelijk opheft, is een positieve maatregel. Dit kan bijkomende tewerkstellingskansen voor personeelsleden creëren, door een versoepeling van de aanstellingsverplichtingen voor schoolbesturen. Maar COC vond het jammer dat tijdens de onderhandelingen niet is ingegaan op haar vraag om aan het personeelslid dat aan een schoolbestuur wordt toegewezen in een niet-organieke betrekking, het recht op een professionaliseringstraject toe te kennen. Ook een personeelslid dat bij een verplichte wedertewerkstelling vanuit een andere categorie naar de categorie van het bestuurs- en onderwijzend personeel overgaat, zou recht moeten hebben op zo’n traject. COC gaf ook nog mee dat bij de afspraken over een professionaliseringstraject rekening moet gehouden worden met de bedoeling ervan, namelijk het behalen van bijkomende competenties en de verbreding van de lesbevoegdheid. Daar zijn een aantal voorwaarden aan verbonden, zoals tijdsduur, interesse personeelslid …

 

Meer informatie:

  • Omzendbrief PERS/2003/08: De reaffectatie- en wedertewerkstellingsregeling voor de inrichtende machten en de personeelsleden tewerkgesteld in het niet-tertiair onderwijs 
  • Brandpunt 9, juni 2020: Er is voor jou geen opdracht meer … Wat nu? Het gewijzigde reaffectatiebesluit onder de loep. 

Personalization