Pensioenhervorming moet dringend én grondig worden aangepast
Pensioenhervorming moet dringend én grondig worden aangepast
Auteur: Nathalie Diesbecq
Maart 2026
De recente analyse van de Raad van State over de geplande pensioenhervorming legt pijnlijk bloot wat het ACV al maanden benadrukt: het ontwerp van de regering leidt tot minder bescherming, meer ongelijkheid en een grotere onzekerheid voor honderdduizenden werknemers. De Raad spreekt over een “globale significante achteruitgang” van het pensioen. Dat is maatschappelijk onaanvaardbaar.
Terwijl de regering beweert te moderniseren, bevestigt de Raad van State dat deze hervorming vooral vrouwen, deeltijdsen en werknemers met onderbroken loopbanen treft. Precies die groepen die in onze arbeidsmarkt al te vaak de zwaarste lasten dragen. Voor het ACV is het daarom duidelijk: deze hervorming kan niet in haar huidige vorm worden goedgekeurd. Ze moet dringend én grondig worden aangepast.
De voorgestelde malus op het vervroegd pensioen creëert een dubbele bestraffing. Wie vroeger moet stoppen – vaak door zware beroepen, gezondheidsproblemen of een chronisch gebrek aan werkbare jobs – krijgt minder pensioen én blijft ook na de wettelijke pensioenleeftijd met een financiële kater achter. Het ACV stelt een eenvoudige, redelijke en rechtvaardige correctie voor: een beperkte malus, enkel tussen het moment van vervroegd pensioen en de wettelijke pensioenleeftijd.
Vanaf de wettelijke pensioenleeftijd moet opnieuw de gewone pensioenberekening gelden, mét of zonder CAP. Wat nooit mag gebeuren, is een systeem dat werknemers én een malus én een CAP oplegt: dubbel bestraffen kan niet.
De regering voorziet in haar ontwerp vijf fictieve dagen per loopbaan als compensatie voor lacunes in de arbeidsprestaties. Dat is onvoldoende, onlogisch en totaal naast de realiteit van onderbroken of atypische loopbanen. Het ACV vraagt daarom: vijf fictieve dagen per jaar, niet per loopbaan, zodat werknemers een buffer kunnen inzetten wanneer het nodig is: bij gaten in de loopbaan, tijdelijke werkonzekerheid, onvoorziene zorgsituaties, … Dit is essentieel om de loopbaanvoorwaarde haalbaar en menselijk te houden.
Vandaag telt studentenwerk niet mee voor de pensioenopbouw wanneer het onder verlaagde bijdragen valt. Maar studentenarbeid is echte arbeid, met echte prestaties, die vandaag de economie en essentiële sectoren draaiende houdt. Daarom vraagt het ACV: alle dagen studentenarbeid moeten meetellen voor de pensioenopbouw, met gelijke bijdragen. Dit is niet alleen eerlijk voor jongeren, het versterkt ook de loopbanen voor de toekomstige generaties werknemers.
De Raad van State bevestigt zwart op wit dat de huidige plannen de juridische en sociale toets niet doorstaan. Voor het ACV is het duidelijk: zonder grondige wijzigingen – zoals het afschaffen van de dubbele bestraffing via malus en CAP, het optrekken van fictieve dagen en het erkennen van studentenwerk – zal deze hervorming de kloof tussen mensen alleen maar vergroten.
Er zijn oplossingen. Nu is het aan het parlement om te tonen dat ze luistert. De pensioenen zijn geen besparingspost, maar de ruggengraat van onze sociale zekerheid Ze verdienen meer dan een snelle druk op de stemknop.
