Eerlijke fiscaliteit vraagt ook eerlijke bijdragen van vermogen
Wanneer het ACV pleit voor een hogere fiscale bijdrage van vermogende Belgen, krijgen we emotionele en defensieve paniekreacties. Succesvolle ondernemers zouden het land verlaten, investeringen zouden dalen en onze economie zou de sterkte van een doorweekt gelatineblaadje benaderen.
Wetenschappelijk onderzoek in Zweden en Denemarken bevestigt dat een verhoging van het hoogste vermogensbelastingtarief met 1 procentpunt op lange termijn leidt tot een daling van het aantal vermogende belastingbetalers met minder dan 2%, doordat sommigen verhuizen. Dit zorgt ook voor een beperkte daling van de totale werkgelegenheid (-0,05%), de totale investeringen (-0,07%) en de totale toegevoegde waarde in de economie (-0,13%). Met andere woorden: dat zouden we ons best kunnen veroorloven.
Het bewijst dat rijke mensen ook belang en waarde hechten aan rechtszekerheid, politieke stabiliteit, kwalitatief onderwijs, cultuur, zorg, een goed werkende infrastructuur, betrouwbare instellingen en een sterke arbeidsmarkt met getalenteerde, gemotiveerde en goed opgeleide werknemers. Ook dat is uitvoerig bewezen in Denemarken.
Net daarom moet een debat over fiscaliteit vooral gaan over de vraag hoe we de lusten en de lasten van onze samenleving verdelen. Een inkomen uit vermogen verschilt fundamenteel van een inkomen uit arbeid. Thomas Piketty toonde aan dat vermogen de neiging heeft om sneller te groeien dan de economie zelf wanneer het rendement op kapitaal hoger ligt dan de economische groei. In zo’n geval groeit bestaande rijkdom sneller dan lonen en inkomens. Dat gebeurt nu. Vermogen concentreert zich geleidelijk bij een kleinere groep mensen. Wanneer zij naast dat kapitaal ook politieke en mediamacht verwerven, ontstaat een gevaarlijke situatie. Het resultaat zien we elke dag in het Witte Huis…
Werknemers worden niet per se armer wanneer rijken nog veel rijker worden. Dat klopt. Alleen: de plaats waar je wieg staat en de erfenis die je krijgt, worden dan belangrijker voor de kansen die je hebt in het leven. Daar bestaat een woord voor, dat is ‘oneerlijk’. Wanneer economische ongelijkheid zich sterker verankert, heeft dat gevolgen voor onze sociale mobiliteit. De toegang tot onderwijs, ondernemerschap, huisvesting en financiële zekerheid hangt vaak samen met het geld dat je al bezit.
Daarom is eerlijke fiscaliteit niet bedoeld om succes te bestraffen, maar om ervoor te zorgen dat iederéén dezelfde economische kansen krijgt. Als wij als samenleving kiezen voor meer belastingen op vermogen, dan kunnen we meer investeren in onderwijs, gezondheidszorg, onderzoek, innovatie, mobiliteit en een sterke, onafhankelijke rechtsstaat. Dat is precies de voedingsbodem die ondernemerschap en economische groei nodig hebben.
Ik heb het al eerder gezegd en ik zeg het opnieuw: ‘no man is self-made'. Wie succesvol onderneemt, doet dat dankzij sterke werknemers, veilige eigendomsrechten, publieke infrastructuur, mobiliteit, energievoorzieningen en stabiele instellingen. Stuk voor stuk voorwaarden en elementen die wij collectief organiseren en financieren. Dus is het wel zo netjes en redelijk dat wie daarvan het meest profiteert, ook een grotere bijdrage levert om die voorwaarden te behouden. Toch?
De beschikbare Europese studies bewijzen dat meer belastingen op kapitaal geen massale kapitaalvlucht veroorzaken. Wél dat eerlijke fiscaliteit net zuurstof creëert voor méér ondernemerschap, minder ongelijkheid en meer sociale mobiliteit.
Vallen we rijkdom aan? Neen. Welvaart creëer je niet individueel maar collectief. Wie veel waarde haalt uit onze samenleving, mag daarvoor naar draagkracht bijdragen aan haar toekomst. Dat is geen straf voor succes, maar net een investering in een samenleving waarin succes voor iedereen mogelijk blijft.
Jorrit Hermans
Voorzitter ACV Limburg
