OPINIE - Vlaamse veerkracht: alles komt terug
Met Vlaamse veerkracht zet de Vlaamse regering naar eigen zeggen in op de transitie naar een duurzame en digitale economie. Een van de speerpunten is een efficiëntere overheid. Het heet dat de lokale besturen daarbij partners zijn. En om die lokale besturen ten dienste te zijn, komt ze met een nieuw kaderbesluit voor het personeelsbeleid.
Destructieve liberale lijn
Verwacht echter geen visie van de Vlaamse regering over hoe lokale besturen op een goede manier moeten omgaan met hun personeel. De enige lijn in het ontwerp van de Vlaamse Regering is een destructieve liberale lijn. Meer vrijheid voor de lokale besturen zal zorgen voor een beter personeelsbeleid. Dat vertaalt zich in het wegknippen van het grootste deel van het bestaande kader voor het personeelsbeleid. Het summum: het schrappen van de gemeenschappelijke salarisschalen. Waarom zouden 300 gemeenten hun personeel op dezelfde manier moeten verlonen? Onderlinge concurrentie organiseren tussen besturen zal zorgen voor een beter beleid … en als het dat niet doet, toch ten minste voor minder overheid.
Primaat van de politiek
Hoe minder regels, hoe meer men z’n zin kan doen. Samenwerken, overleg en zo elkaar versterken: de Vlaamse regering heeft er lak aan. Het beleid moet komen van wie de macht heeft. Dat blijkt ook bij de invoering van het nieuwe kaderbesluit. De revisoren van dienst op het kabinet Somers waren al snel klaar met hun opkuis van het kaderbesluit. De enige referentie: de liberale ideologie. Zoek niet naar een wetenschappelijke onderbouw, een visie op dienstverlening of op personeelsbeleid. Die vallen toch samen met wie aan de knoppen zit? Het primaat van de politiek heet zoiets.
Buigen voor de schijn
Erg vervelend was vervolgens dat er nog overlegd moest worden met de vakbonden. De Vlaamse regering houdt graag de schijn hoog en organiseerde sinds de zomer zo’n overleg tussen de vakbonden en de werkgevers. Nog vervelender voor de Vlaamse overheid was dat tijdens dat overleg resultaten werden geboekt. Dat er echt overlegd zou worden en dat er een consensus zou bereikt worden met de werkgevers was onverwacht en al helemaal niet de bedoeling. Zelfs bij een finale poging tot bemiddeling keerde de Vlaamse regering de vertegenwoordigers van het personeel de rug toe. Een eerbaar compromis gaat immers in tegen het recht van de sterkste. Dat is dus waar Vlaamse veerkracht voor staat: even buigen voor de schijn en vervolgens terugkeren naar de eigen positie.

