ACV vraagt sociaal overleg over verplichte vaccinatie in de zorg alle kansen te geven

Gisterenavond verklaarde minister Frank Vandenbroucke op de VRT (Terzake) dat hij voorstander is van een vaccinatieverplichting voor het zorgpersoneel. Hij kondigde ook aan dat de regering aan verschillende adviesorganen van de sociale partners, waaronder de Hoge Raad Preventie en Bescherming op het werk, de Nationale Arbeidsraad (NAR) en het Comité A voor de openbare sector, eerstdaags een advies zou vragen over de vaccinatieverplichting. Het ACV vraagt dan ook met aandrang dat het Overlegcomité dat vrijdag plaatsvindt, géén beslissing neemt over de vaccinatieverplichting. En dat het overlegcomité wacht op het advies van de sociale partners. Zij kennen de sector en zijn medewerkers zeer goed en kunnen de impact van beslissingen het best inschatten. De adviezen worden verwacht uiterlijk in de maand september.

Het zorgpersoneel mag in het debat over de verplichte vaccinatie niet als een soort boeman worden voorgesteld, zeker gelet op de hoge vaccinatiegraad in veel organisaties. Het debat over de vaccinatie in de zorg moet op een onderbouwde en serene manier verlopen om tot een evenwichtig en gedragen beleid te komen.

Het sociaal overleg moet over voldoende tijd beschikken en zeker ingaan op

  • de zinvolheid van een verplichte vaccinatie van het zorgpersoneel en eventuele afwijkingen op zo’n verplichting;
  • de timing en de manier waarop een verplichte vaccinatie tegen SARS-COV-2 wettelijk kan worden verankerd voor zowel werknemers als zelfstandigen. Een eventuele beslissing moet uniform zijn voor het ganse land en voor werknemers én zelfstandigen;
  • de scope van een mogelijke verplichte vaccinatie: welke sectoren en functies?;
  • de praktische en arbeidsrechtelijke gevolgen voor de werknemers die toch niet gevaccineerd (kunnen/mogen) worden. De werksituatie van werknemers in de zorg die op termijn niet gevaccineerd zouden willen worden, is ook het voorwerp van verder overleg. De ervaring van deze werknemers mag niet verloren gaan;
  • krijgen bepaalde zorgverleners een 3e dosis/boostervaccin als kwetsbare groepen hiervoor in aanmerking komen;
  • de noodzakelijke betrokkenheid van de overlegorganen in de zorginstellingen en de externe diensten voor preventie en bescherming op het werk, alsook over de mogelijke rol van de sectorale sociale partners in de verdere concretisering een verplichte vaccinatie en de sensibiliseringscampagnes.

Het ACV is bereid om het overleg aan te gaan maar benadrukt dat we vooral zeer sterk moeten blijven inzetten op het sensibiliseren en informeren van het personeel in de zorgsectoren over het belang van vaccinatie. Doelgerichte sensibiliseringscampagnes in zorginstellingen waar de vaccinatiegraad achterblijft, krijgen de steun van het ACV. Dit kan door gebruik te maken van de nieuwste wetenschappelijke inzichten over vaccinatie, door met het personeel in dialoog te gaan over mogelijke twijfels en angsten en de experten van de externe diensten voor preventie en bescherming op het werk te betrekken.

Personalization