Je rechten
bab449ae-2477-46b3-8fca-27c4c5741bd6
https://www.hetacv.be/je-rechten
true
Actualiteit
59ea6a04-d5cb-49bb-86bf-262457cb04b8
https://www.hetacv.be/actualiteit
true
Onze diensten
c7cddb17-187f-45c2-a0e2-74c299b8792b
https://www.hetacv.be/dienstverlening
true
Lid worden
abbb02d8-43dd-44b5-ae75-3cd90f78f043
https://www.hetacv.be/lid-worden
true
Het ACV
c62ac78b-1aa2-4cb9-a33b-59e6fc085fb4
https://www.hetacv.be/het-acv
true
Word nu lid

Het rommelt in de kinderopvang

Het ontbreekt al jaren aan voldoende financiële armslag en visie op lange termijn in de kinderopvang. De tragische dood van een baby in Mariakerke bracht de sector, en daarmee vooral de verantwoordelijke Vlaamse overheid, in het oog van de storm.

Minister Beke kwam op 14 maart met een actieplan dat vooral gericht leek om drama’s als in Mariakerke te voorkomen: meer inspectie en een betere handhaving van de reglementeringen. Opvallend: het actieplan pakte de onderliggende problemen niet aan. Zo zijn er te veel kinderen per kindbegeleider, de instroom van nieuwe begeleiders is laag en de loon- en arbeidsvoorwaarden moeten beter. Een consortium van vakbonden, koepels en experten lanceerde daarom zelf een actieplan dat gericht is op een betere, kwalitatieve kinderopvang in een professionele omkadering.

Eerste 1000 dagen

Een van de stichtende leden van het consortium is kinder- en jeugdpsychiater Peter Emmery. Hij hamert op het belang van een kwalitatieve kinderopvang en met name tijdens de eerste duizend levensdagen van het kind. “Ik zie in mijn praktijk regelmatig kinderen waarbij het misgelopen is tijdens de eerste duizend dagen van hun leven. De hersenontwikkeling in die levensfase verloopt enorm snel maar die groei is niet geleidelijk. Hersenen ontwikkelen zich in fasen. Dat is logisch. Als je geboren wordt dan moet je allereerst kunnen leven. Alle systemen om te overleven – ook het overlevingsinstinct - moeten tegen dan klaar zijn, denk aan de autonome functies die hartslag en ademhaling regelen.

Alles wat rond emotie draait, wordt in de eerste drie levensjaren ontwikkeld. Ons hele systeem van stresshuishouding en emotieregulering evolueert in die levensfase. De omgeving speelt daar een cruciale rol in: ouders hebben effect op hoe hun kinderen emoties leren regelen en dat beseffen ze niet altijd.”

Er is ondertussen veel bekend over de negatieve gevolgen van omgevingsfactoren. In 1998 werd een studie gepubliceerd rond ACE’s, adverse childhood experiences, die voor een groot deel verantwoordelijk zijn voor latere mentale problemen. “ACE gaat over mishandeling en verwaarlozing, maar ook over contextfactoren zoals ouders die gescheiden zijn, fysiek agressief zijn, een eigen psychiatrische problematiek kennen … Allemaal factoren die ongelooflijk bepalend zijn in de verdere ontwikkeling. Het bijzondere is dat ze detecteerbaar zijn en er preventie op toepasbaar is.

Kansarmoede is ook zo’n bepalende factor. Nobelprijswinnaar economie James Heckman publiceerde in 2003 een paper over kans- armoede, Human Capital Policy. Daarin legt hij uit waarom het economisch zinvol is te investeren om mensen uit kansarmoede te halen. En dat doe je het best voor de leeftijd van zes jaar. Kwalitatieve kinderopvang is een van de zaken waarin je moet investeren om kinderen uit de armoede te halen. Een recente studie van een Oxford-universiteit bestudeerde in de coronaperiode kinderen die wel of niet naar kinderopvang gingen. Zij die op zijn minst twee dagen per week gingen, kenden een betere taalontwikkeling. Ook sociale vaardigheden worden in de opvang meer gestimuleerd. Tegelijk pleiten we er ook voor om zeer jonge kinderen zoveel mogelijk bij hun ouders te laten zijn.”

Principes van consortium

Het consortium wil meer investeringen op de politieke agenda plaatsen en heeft een visie ontwikkeld over hoe de kinderopvang vorm moet krijgen. Die trekt volop de kaart van het kind: kinderopvang wordt een professionele en kwalitatieve sector die de ouders maximaal bij de opvang betrekt en ervoor zorgt dat de economische, pedagogische en sociale functies van de opvang gelijkwaardig zijn.

Een eerste reactie

Op vrijdag 1 april werd het consortium ontvangen door de bijna voltallige Vlaamse regering om de actiepunten toe te lichten. De Vlaamse regering erkent dat, ondanks de investeringen in de sector tijdens deze legislatuur, niet alle problemen van de baan zijn. Daarom wil ze verder in dialoog gaan met het consortium. Minister-president Jan Jambon engageerde zich om de resultaten van de gesprekken mee te nemen in de besprekingen voor de begroting 2023.

Niet allemaal kommer en kwel

Eerlijk is eerlijk: de Vlaamse regering deed al in- spanningen om de kwaliteit van de kinderopvang te verbeteren. Zo werd met de vakbonden het Vlaams Intersectoraal Akkoord (VIA6) afgesloten, kwam er een verhoging van de koopkracht en budget voor kwaliteitsmaatregelen en meer personeel. In de publieke sector kregen de begeleiders van zowel de kinderdagverblijven als de buitenschoolse opvang een hoger barema. Voor veel begeleiders (vooral dan in de buitenschoolse kinderopvang die nog op D of E-niveau werden betaald) houdt dat een aanzienlijke loonsverhoging in.

Niet elke kindbegeleider werkt echter bij een erkende of vergunde voorziening. ACV Openbare Diensten vroeg dan ook aan de regering om lokale besturen de mogelijkheid te geven de verhoogde barema’s ook toe te kennen aan die kindbegeleiders. Een beslissing hierover blijft uit. Verder kwam er een beperkte uitbreiding van het aantal onthaalouders in een werknemersstatuut: 275 VTE, waarvan 28 VTE voor de publieke sector, met helaas een te lage verloning. Ook was er de toekenning van middelen voor de tewerkstelling van pedagogische coaches. In de kinderopvang georganiseerd door lokale besturen gaat het over 95 VTE-coaches. Zij moeten zowel een ondersteuning zijn voor de kinderen, de kindbegeleiders als de ouders.

Maar …

Hoewel het overgrote deel van de voorzieningen wel kwaliteitsvolle opvang levert, werden niet alle problemen door de inspanningen van de regering opgelost. Zo blijven vacatures openstaan, is er sprake van onvrijwillige deeltijdse arbeid (vooral in de buitenschoolse opvang), is de werkdruk te hoog, moet het aantal kinderen per kindbegeleider in de groepsopvang omlaag, is er te weinig ondersteuning en zijn meer middelen voor opleiding nodig.

Zeven actiepunten

Om deze principes om te zetten in de praktijk dienen essentiële randvoorwaarden vervuld te worden en zijn bijkomende investeringen noodzakelijk. Niet alleen inhoudelijk, maar ook financieel. Het consortium roept daarom de Vlaamse regering op om onderstaande zeven actiepunten in te willigen.

  1. Verlaag de begeleidersratio drastisch naar 1 begeleider op 5 kinderen en voorzie mogelijkheden tot aangepaste begeleiding (op basis van leeftijd, ondersteuningsnoden …)
  2. Zet in op voldoende en kwalitatief personeel door een betere basisopleiding, doorgroeimogelijkheden en ruimte tot levenslang leren.
  3. Maak de sector aantrekkelijker met betere loon- en arbeidsvoorwaarden, zoals correcte statuten die de nodige sociale bescherming bieden (komaf maken met schijnzelfstan- digheid, een werknemersstatuut voor onthaalouders ...)
  4. Breid de omkadering van de kindbegeleiders uit met diverse functies en opleidingsniveaus.
  5. Stimuleer keuzevrijheid door een voldoende groot, toegankelijk, betaalbaar en kwalitatief hoogstaand aanbod.
  6. Zorg voor de financiële leefbaarheid van de opvang en realiseer de beloofde groeipaden.
  7. Zet in op monitoring met specifieke aandacht voor pedagogische kwaliteit, evalueer het zelfevaluatie-instrument MeMoQ en open het debat rond inspectie.
Actie in Gent

De lonen mogen dankzij de vakbonden dan wel gestegen zijn, de werkvoorwaarden zijn niet overal verbeterd. Peter Wieme is gewestelijk secretaris voor ACV Openbare Diensten Gent-Eeklo. Op 25 maart werd actie gevoerd in Gent met als eisen: meer erkenning en waardering voor het personeel, voltijdse contracten in plaats van vier vijfde contracten over 5 dagen en meer zorg voor het welzijn van de medewerkers.

“Jaren geleden heeft het stadsbestuur op een slinkse manier beslist om in de kinderopvang alle nieuwe medewerkers een contract te geven van 30 uur per week, een vier vijfde contract dus. Dat is iets anders dan vier dagen op vijf werken, want er moeten vijf dagen van zes uur gepresteerd worden. Het gaat over jonge mensen die vaak zelf nog geen kinderen hebben en daarom meestal voltijds willen werken omdat dat interessanter is voor hun inkomen en pensioen. Dit klagen we al jaren aan.”

“Stad Gent probeerde ons tijdens de actie op 25 maart als bondgenoot mee te krijgen in het debat rond minister Beke, met name rond het maximum aantal kinderen per medewerker. Uiteraard staan we achter de kritiek op minister Beke, maar onze eisen dreigden in heel deze discussie ondergesneeuwd te raken. Bovendien is het niet Wouter Beke die de besturen verplicht om slechts 30-urige arbeidsovereenkomsten af te sluiten. Vergeet niet dat een van de gevolgen van vier vijfde contracten leidt tot een grote uitstroom
van personeel. We vinden daardoor ook veel moeilijker nieuwe mensen. Het gaat over een 80-tal medewerkers, als die allemaal een extra dag kunnen werken dan is al een groot deel van de onderbezetting opgelost.”

Het ACV gebruikt cookies voor de goede werking van zijn websites, om informatie op maat aan te bieden en je persoonlijke ervaring te verbeteren. Door te klikken op ‘Accepteer alle cookies’ geef je toestemming voor het plaatsen van analytische en advertentiecookies. Deze kunnen ook door onze partners gebruikt worden. Je kan de cookies zelf instellen via de knop ‘Beheer je voorkeuren’. Ga naar de pagina cookies en voor meer info of consulteer onze policy  privacybeleid.