Achter de schermen bij het Belgisch Staatsblad

Achter de schermen bij het Belgisch Staatsblad, de officiële publicatie van de Belgische Staat.

‘Nemo censetur ignorare legem’: niemand kan zich beroepen op zijn onwetendheid van de wet. Inwoners van België moeten dus op de hoogte zijn van de inhoud van het Belgisch Staatsblad. Het is de officiële publicatie van de Belgische staat, die onder meer alle wetten, koninklijke besluiten, decreten, officiële verdragen en oprichtingen van vennootschappen en verenigingen bekendmaakt. Begin er maar aan.

‘Begin er maar aan’ is ook de eerste gedachte die bij me opkomt als ik het Brusselse WTC3-gebouw betreed waarin het Belgisch Staatsblad onderdak heeft. Want elk jaar breekt het Staatsblad een record wat aantal pagina’s betreft. “Een jaarcollectie telt ongeveer 100.000 pagina’s”, zegt directeur Wilfried Verrezen. “En tel daar nog eens goed 200.000 akten van vennootschappen en verenigingen bij. De explosie van het aantal bladzijden is vooral te verklaren door de opeenvolgende staatshervormingen en de impact van Europese regelgeving.”

Digitale evolutie

Het is niet eens zolang geleden dat het Staatsblad in grote oplage gedrukt werd. “Sinds 1997 is het online raadpleegbaar”, weet Verrezen. “We waren bij de eerste federale overheidsdiensten die online gingen. Maar we bleven zelf drukken tot 2003. Op het laatst nog op 20.000 exemplaren. Vandaag bestaat de oplage nog uit vier exemplaren: voor het Algemeen Rijksarchief, de Koninklijke Bibliotheek van België, onze eigen archieven en de FOD Justitie. Dankzij de nieuwe ICT-wet krijgt dat papieren exemplaar binnenkort een evenwaardige digitale versie. Dat wil zeggen dat die digitale versie juridisch ook wordt erkend. Dat is zeker een goede zaak, die wel een investering in kwalitatief serverbeheer en databescherming vraagt.”

“Burgers kunnen nog altijd een gedrukt exemplaar aanvragen of inkijken, we hebben daarvoor nog altijd een loket. Maar dat gebeurt zelden of nooit. De zoekmotor van het online Staatsblad was in 2003 een grote stap vooruit omdat het in de papieren versie niet evident was om snel iets te vinden.”

Een verhaal van besparingen

Er speelden destijds ook wel andere redenen om de papieren versie in te krimpen. “Het was een begrotingsoperatie want de abonnementskosten dekten niet meer de kosten van papier, inkt en verzending. Sommige personeelsleden werden overgeplaatst naar de FOD Justitie. De verschillende regeringen bleven vervolgens verder besparen op het Staatsblad.” De gevolgen hiervan zijn duidelijk zichtbaar: ik zie vooral veel lege plekken op de verdiepingen. “Toen ik hier begon in 1986 waren er meer dan 400 werknemers, in 2010 waren er dat nog 150 en nu minder dan 70. Dit gaat ten koste van de dienstverlening en de kwaliteit,” vindt de directeur.

Onderbezetting

“Vroeger controleerden 35 mensen de teksten, er ging bij wijze van spreken geen letter buiten zonder dat die nagelezen was, nu zijn daar nog maar 4 medewerkers voor. We laten het nalezen aan de verschillende opdrachtgevers van de publicaties over, dus ja, er staan heel wat taalfouten in. We zijn duidelijk met te weinig personeel om alles te kunnen coördineren.

Veel overheidsdiensten kampen met een onderbezetting, maar hier is het wel heel snel gegaan. De buitenwereld ziet elke dag een Staatsblad verschijnen, die stelt zich geen vragen bij hoe we het elke dag doen.”

“Het Staatsblad was vroeger een continudienst en het technisch personeel had een speciaal statuut. Velen werkten in een tweeploegenstelsel met daarbij nog extra overuren voor nachtwerk voor Kamer en Senaat. Het waren goedbetaalde ambtenaren in lagere niveaus (de vroegere niveaus 3 en 4). Het aspect continu werd behouden voor de werking maar niet meer voor de automatische vervanging van personeelsleden. De opeenvolgende regeringen beslisten om die lagere niveaus slechts uitzonderlijk te vervangen. Daardoor bloedde het Staatsblad snel leeg. De gemiddelde leeftijd van de werknemers is ondertussen 50+. Nieuwkomers kan ik geen toekomstperspectief bieden en proberen daarom elders binnen de overheid aan de slag te gaan.”

Onzekere toekomst

Die onzekere toekomst is de rode draad. Veel activiteiten gingen al verloren: parlementaire en Europese publicaties, het bulletin der aanbestedingen, de drukkerij en het restaurant.

De laatste jaren investeerde Justitie in verschillende tools voor het Staatsblad. Zo kunnen nieuwe startende ondernemingen hun aktes online doorsturen, en sturen vredegerechten hun vonnis nu digitaal door naar het Staatsblad. In de Kruispuntbank van Ondernemingen is bij elke onderneming een link opgenomen naar de publicatie in het Staatsblad. “Justitie lanceert nieuwe digitale tools en databronnen. Dat vraagt een goed beheer en dus een investering in mensen. Want een investering in human resources is even belangrijk voor een kwalitatieve dienstverlening.”

Personalization

Je webbrowser is verouderd en wordt niet ondersteund door de ACV-website. Klik hier om een nieuwere versie te installeren.