Wordt de cultuursector kapot bespaard?

Parlementslid Maris Meremans (N-VA) praat met Nico Blontrock (CD&V), schepen van cultuur in Brugge, over de besparingen in de cultuursector.

De cijfers over de besparingen in de cultuursector vlogen ons de voorbije maand om de oren: 3 of 6 of 60 (!!!) procent. Een zoveelste besparing slikken ze niet zomaar, daarom werd al verschillende keren betoogd. Parlementslid en lid van de cultuurcommissie onder Jan Jambon Marius Meremans (N-VA) praat erover met Schepen van Cultuur van de stad Brugge Nico Blontrock (CD&V).

Om duidelijk te beginnen. Waar praten we precies over?

MARIUS MEREMANS: “Over wat elke regering doet als ze aantreedt: ze kijkt naar haar centen. Als we alles op zijn beloop zouden laten gaan, dan stevenen we af op een tekort van 670 miljoen euro. Wat doe je dan? Besparen en streven naar een begroting in evenwicht. Die 6 procent geldt voor elke sector. Ja, de cultuursector heeft in 2014 al moeten besparen onder Sven Gatz. Toen waren er ook protesten.”

NICO BLONTROCK: “Dat kan ik niet ontkennen. Nu spreken van een grote kaalslag is niet eerlijk. Dat is toen al gebeurd. Maar ik snap de ongerustheid. Musea Brugge moet 30.000 euro besparen. Het Concertgebouw krijgt zelfs 123.000 euro minder de komende jaren.”

MM: “Sven Gatz heeft 5 jaar geleden heel veel naar zijn kop gesmeten gekregen. Maar we hebben hem als partij altijd gesteund in zijn keuze. We wisten dat het de enige optie was. Wie nu spreekt over de grote hakbijl heeft maar een deel van het verhaal gehoord. Er verdwijnt niet plots 60% van de cultuursubsidies. Kijken we naar de budgetten dan gaan die licht omhoog van 482 naar 483 miljoen euro. Dat komt, als je rekening houdt met de inflatie, neer op een besparing van 1,9% op het hele cultuurbudget.”

Hoe hard voelt een stad als Brugge die besparingen?

NB: “Het is een dubbel verhaal. Langs de ene kant voelen we deze besparingen, want onze eigen musea en partnerorganisaties als het Concertgebouw, moeten besparen. En er dreigen minder projectsubsidies te komen ook. Langs de andere kant heeft de Vlaamse regering in haar plannen opgenomen dat we in Brugge een nieuwe tentoonstellingssite krijgen. Dat is geld dat we meerekenen in ons cultuurbudget. Verder blijft ons eigen cultuurbudget hetzelfde, Brugge blijft kiezen voor cultuur. Alles samen valt het cultuurbudget voor Brugge nog goed mee.”

De Stad Brussel gaat 300.000 euro in cultuur pompen om het wegvallen van subsidies te compenseren. Komt het cultuurbeleid meer en meer in handen van lokale overheden terecht?

NB: “Die boodschap heb ik niet ontvangen alleszins. Ik kan je wel zeggen dat het Concertgebouw ook bij ons heeft aangeklopt voor meer werkingsmiddelen. Het ging om een bedrag met 5 nullen. Daar konden we niet op ingaan, want dat geld hebben wij gewoon niet als lokaal bestuur.”

MM: “We zorgen er wel voor dat het gemeentefonds stijgt met 3,5% en voorzien ook extra budgetten om de gemeentelijke pensioenlasten te betalen. Met dat geld kan elke stad of gemeente zelf kiezen of ze investeren in sport, cultuur, welzijn … Dat geld gaat in de meeste gevallen naar de eigen lokale centra. Lokale besturen hebben ons ook laten verstaan dat ze niet te veel inmenging wilden, dus dat gaan we dan ook niet doen.”

NB: “Ik vrees wel voor de gevolgen als cultuurhuizen hun prijzen verhogen. Hun zalen zullen minder snel vol zitten en dus zullen ze uiteindelijk niet meer inkomsten uit tickets hebben. Daarom hebben we in Brugge al een project opgezet om privésponsors te vinden voor onze grote projecten, zoals de Triënnale. Dat is een van de manieren die we gebruiken om hopelijk extra geld te vinden.”

Er gaat een groot deel van de geldpot naar erfgoed. Waarom?

MM: “Omdat het nodig is. Erfgoedwerking is al jaren ondergefinancierd. Ik had daar al gesprekken over in 2013. Dan moet je een inhaalbeweging doen. Die sector maakt minder lawaai en komt minder in de media, maar de nood is er zeker wel. Zoals Nico zegt investeren we in Brugge in nieuwe gebouwen, maar ook bestaande krijgen eindelijk budget: het Operagebouw in Gent bijvoorbeeld heeft dat geld gewoon nódig. Als de renovaties van zulke gebouwen af zijn, hebben we tenminste ruimte om ons erfgoed te tonen.”

NB: “Waar ik wel voor wil opletten is dat dit geen verhaal van erfgoed tegen jonge kunstenaars wordt, want daar wordt het geld vandaan gehaald. De projectsubsidies gaan drastisch naar beneden. Met 60 procent. 

MM: “Er wordt vaak beweerd dat projectsubsidies nodig zijn om nieuwe kunstenaars een kans te geven. Ok, maar die subsidies gaan niet enkel naar hen. Ook kunstenaars die al jaren bezig zijn, krijgen ze. En dan moet je durven stellen dat dat geld niet altijd gebruikt wordt om zuurstof te geven aan de sector. Gatz gebruikte soms projectsubsidies als vangnet, dat is niet de bedoeling.”

“Daarom zegt Jan Jambon, net zoals Sven Gatz vijf jaar geleden, dat er ‘en cours de route’ zal gekeken worden waar er nog geld kan vrijgemaakt worden. Er was nooit geld genoeg, dus vielen er altijd projecten uit de boot. Projectsubsidies moeten gaan naar initiatieven die zuurstof brengen, vernieuwend en meerwaarde bieden. Dat kunnen startende kunstenaars zijn, maar evengoed anderen op voorwaarde dat ze het kunstenlandschap ten goede komen.”

Is de kritiek niet terecht dat je de nieuwe gebouwen over een paar jaren niet meer gevuld krijgt omdat er te weinig beginnende kunstenaars een kans kregen?

NB: “Snoeien in de basis is op lange termijn contraproductief als je een internationaal beleid wilt voeren, wat N-VA nochtans wil. Wie weet hoeveel kunstenaars die in de toekomst Vlaanderen mee op de kaart zetten nu geen eerste kansen krijgen? De cultuursector is een piramide met verschillende lagen. Snij je daar een laag uit weg, dan stort die piramide in.”

MM: “Zo’n humuslaag voor cultuur is natuurlijk belangrijk. Maar het is niet enkel in die laag dat je moet investeren, ook in de spreiding over heel Vlaanderen. Daarom zetten we bijvoorbeeld in op cultuur in Limburg. Daarnaast heb je nu enkele Vlaamse Kunstinstellingen die zeker zijn van hun financiering. Waarom niet een extra laag met instellingen net daaronder creëren die ook meer zekerheid krijgen over hun financiering, zodat ze niet elke 5 jaar in spanning moet afwachten hoeveel ze zullen ontvangen? Dankzij die financiële stabiliteit kunnen ze meer organiseren en experimenteren. En dus jonge kunstenaars kansen geven.”

Zal de rust terugkeren in de cultuursector?

NB: “Een goede zaak is dat het beleid van Sven Gatz grotendeels wordt voorgezet. Dat N-VA accenten wil leggen in het cultuurbeleid ook, dat doet elke minister van Cultuur. Maar ik heb een grote ‘maar’. Het pleidooi voor ‘mooie’ kunst en tegen zogenaamd ‘gesubsidieerd shockeren’. Je hebt als politicus niet het recht om te bepalen wat mooi is en wat niet."

MM: “Maar dat is helemaal niet onze bedoeling. De verwijten vliegen ons altijd om de oren: we zijn te veel bezig met het verleden, wij gaan bepalen wat kunst is en wat niet. Ik ben daar niet voor bevoegd en ben ook geen kenner, ik ben gewoon een cultuurconsument. En over smaken valt niet te twisten. Ik merk wel een tendens dat kunst activistisch moet zijn, zaken moet aanklagen. Als je bepaalde activistische theatermakers bezig ziet weer een overtrokken en geforceerd pleidooi te houden tegen 'de Vlaamse identiteit' ... van mij mag het, hoor. Maar het begint op een verplicht nummertje te lijken." 

Leeft er wel een Vlaams gevoel in de cultuursector?

MM: “Ik denk het wel, maar die stemmen hoor je gewoon niet. Als N-VA iets lanceert, gaan de media naar de namen waar ze quotes kunnen sprokkelen. Zoals een Tom Lanoye. Ze weten op voorhand wat hij zal zeggen. Maar als ik hem bezig hoor, denk ik: ‘heb je wel gelezen waarover dit gaat?’. En mensen gaan die mening overnemen, linkse politici doen daar nog een schepje bovenop en plots zijn we het ‘scum of the earth’. Geen slecht woord over Lanoye trouwens, hij is een geweldige schrijver en een groot kunstenaar.”

“Een perfect voorbeeld is de Vlaamse canon. Toen we dat idee lanceerden leek het alsof we Vlaanderen naar de jaren 30 terug wilden katapulteren. Maar dat is dus niet de bedoeling. Intussen hebben de meeste mensen ook wel begrepen dat dit niet zomaar een ideetje is, maar dat er wel eens goede punten zouden kunnen inzitten. 

NB: "Je kunt de invloed van een Vlaamse canon in twijfel trekken. Dat er historische ijkpunten moeten zijn die iedereen moet kennen, tot daar aan toe, zeker als we de ongemakken uit ons verleden niet onder de tafel vegen. Maar als Will Tura in de Vlaamse canon wordt opgenomen, gaat iedereen dan plots fan van hem worden? Ik denk het niet. 

MM: "Het is ook niet N-VA die gaat beslissen wat erin komt. Dat zal een commissie zijn met mensen van alle slag. Vlaanderen is diverser geworden, dus daar zullen ook mensen met grootouders van buitenlandse afkomst bij zitten. Je hebt hun visie net nodig. En natuurlijk gaan we ook de minder leuke kanten van onze geschiedenis belichten."

Personalization

Je webbrowser is verouderd en wordt niet ondersteund door de ACV-website. Klik hier om een nieuwere versie te installeren.