Flinke loonsverhoging Nederlandse rijksambtenaren

Waarom daar wel en niet hier?

De Nederlandse staat wil zich profileren als een aantrekkelijke werkgever en geeft alle rijksambtenaren een loonsverhoging van 7 procent. Wat zit er achter dit grootse gebaar?

DE NEDERLANDSE MINISTER van Binnenlandse Zaken Kasja Ollongren verklaarde blij te zijn met het akkoord dat ze met de vakbonden had afgesloten. Geef toe, het oogt aardig: op 1 juli stegen de lonen met 3 procent, op 1 januari 2019 volgt een bonus van 450 euro bruto, op 1 juli komt er 2 procent bij. En in januari 2020 nog eens 2 procent. Tijd voor een feestje?

“Ja en nee”, zegt Marco Ouwehand. Hij zat voor de vakbondsorganisatie FNV mee aan de onderhandelingstafel. “De verhoging is mooi, maar niet wereldschokkend. En als we heel eerlijk zijn, is dit gewoon een inhaaloperatie van wat we eigenlijk al langer te goed hadden. De ambtenaren kregen er door de zware bezuinigingen tussen 2010 en 2015 niets bij. Als gevolg van die stilstand liepen we niet alleen achter op het bedrijfsleven, door de inflatie gingen we er ook nog eens op achteruit.”

Geen index

Nederland kent geen automatische indexering zoals in België waar de lonen – in normale omstandigheden – met 2 procent stijgen als de spilindex wordt overschreden. Ouwehand: “In 2017 kregen de ambtenaren een structurele loonsverhoging ter grootte van de inflatie van dat jaar: 1,4 procent. Het kan helpen om de loonontwikkeling strakker te koppelen aan wat er in de markt gebeurt. Dan hoef je daar niet meer over te onderhandelen. Maar dan zullen er nog altijd onderwerpen overblijven die uiteindelijk toch loongerelateerd zijn. Daarom kiezen we ervoor apart te onderhandelen over het loon, hoe moeizaam dat soms ook verloopt. Zoals bij de laatste cao-onderhandelingen die muurvast leken te lopen.”

Leve de tv

Toch kwam er een doorbraak. Volgens Ouwehand mee dankzij uitspraken van minister-president Rutte. “Zowat alle economen, en het IMF voorop, vonden dat de lonen in Nederland omhoog moesten. Om de dood- eenvoudige reden dat mensen geld moeten uitgeven om een groeiende economie draaiende te houden. Rutte vond ook dat de lonen in Nederland omhoog moesten, en riep werkgevers op om zich daarvoor in te spannen. Maar hij vergat dat op hetzelfde moment zijn collega van Binnenlandse Zaken met de rijksambtenaren in onderhandeling was. De oproep van de minister-president maakte praten voor ons al iets makkelijker.”

In Nederland worden vier cao’s voor de verschillende overheden afgesloten: de rijksoverheid, waterschappen, provincies en gemeenten. Deze loonsverhoging wordt toegekend aan de 118.000 rijksambtenaren.Ouwehand: “Iedere cao heeft een aparte looptijd en eigen afspraken. We zien wel dat de werkgevers goed kijken wat er aan de andere cao-tafels gebeurt. Deze loonsverhoging is daarmee trendsettend.”

Addertje onder het gras?

Er is wel een ‘maar’ bij al dit goede nieuws. Aan het ambtenarenstatuut wordt ook bij onze noorderburen gemorreld. Ook al ziet Ouwehand daar voorlopig nog geen problemen bij opduiken. “Voor bijna alle overheden geldt dat op 1 januari 2020 de eenzijdige aanstellingen voor ambtenaren (meestal een aanstelling voor onbepaalde tijd, red.) worden afgeschaft en er tweezijdige arbeidsovereenkomsten zoals in de privésector voor in  de plaats komen. We hebben afgesproken dat de huidige cao’s een-op-een zullen worden omgezet naar de nieuwe situatie. Dit vraagt veel overleg om te zorgen dat dit ook gebeurt en mensen er niet op achteruit zullen gaan.”

Personalization

Je webbrowser is verouderd en wordt niet ondersteund door de ACV-website. Klik hier om een nieuwere versie te installeren.