Terugblik

naar 1875

ROND 1875 HAD BELGIË al een uitgebreid spoornetwerk. Toch konden nog veel dorpen en ge­huchten niet ontsloten worden. De overheid bouwde daarom een secundair netwerk uit om afgelegen gebieden uit hun isolement te halen. De ‘boerentram’ was geboren. Voor het eerst kwamen pendelaars vanuit het omliggende land naar de stad, boeren konden met de tram naar de markt, hun kinderen naar school. 

Zowat aan elke tramhalte was er een café. In het Kestergat, op de lijn Leerbeek-Halle, hielden de kinderen van de cafébazin van De Kalier de vertrektijden van de tram nauwlettend in de gaten. Wanneer vanaf de eerste verdieping het sein “ ’t is groen” klonk, was het voor de reizigers tijd om hun pint leeg te drinken. Soms kwam de trambestuurder zelf even het café binnen voor een pint. Dienstregelingen leidden blijkbaar nog niet tot al te grote werkdruk. In 1966 reed de laatste boerentram van Leerbeek naar Halle. 

Personalization

Je webbrowser is verouderd en wordt niet ondersteund door de ACV-website. Klik hier om een nieuwere versie te installeren.