Onderwijs in de top vijf!

Met een score van 7,3 voor onderwijs staat België in de top vijf van kwaliteit van publieke dienstverlening in Europa. Het onderzoek, uitgebracht in 2018 (1), bevestigt wat in het verleden al meermaals naar voren kwam. Deze positie behouden of zelfs nog verbeteren, blijft onze uitdaging. En een engagement!

Hoe is jouw vertrouwen in de openbare dienstverlening? Wat vind je van de kwaliteit van justitie en politie, gezondheid en andere zorgen, onderwijs, cultuur, openbaar vervoer, …? Hoe schat je de efficiëntie van het werk? Deze vragen legde Europa voor aan zijn burgers en bedrijfsleiders om zo hun oordeel te kennen over de kwaliteit van de openbare dienstverlening. Geen evident onderzoek om tot internationaal vergelijkbare resultaten te komen. Het aantal personeelsleden, hun lonen en de budgetten oplijsten is makkelijker dan een oordeel uitspreken over vertrouwen of kwaliteit. Toch is zo’n vertrouwensonderzoek een belangrijke graadmeter voor onze maatschappelijke toekomst. Vertrouwen is een drijfveer om het samen nog beter te doen.

Hoogste waardering

De hoogste waardering voor onderwijs moet ons streefdoel blijven. Daarom zijn blijvende investeringen nodig. In financieel moeilijke tijden is dat niet evident. Bij spanningen over middelen worden regelmatig neoliberale recepten naar voren geschoven. Voorstellen zoals meer privatisering van dienstverlening, het creëren van concurrentie, het uitbesteden van deeltaken en het uitbouwen van publiek-private samenwerkingsverbanden lijken dan voor de hand liggende oplossingen. Deze ideeën leveren op korte termijn besparingen op. Maar wat we weten is dat deze aanpak vaak samen gaat met een verlies aan banen en slechtere arbeidsomstandigheden. Logisch want op personeelsinzet en werkvoorwaarden vallen de grootste winsten te halen. Dit maakt de aantrekkelijkheid van de jobs slechter en dus zal de kwaliteit sneller dalen.

Belangrijke instrumenten

Op langere termijn spelen nog nadelige effecten. Wanneer publieke voorzieningen worden afgebouwd, zijn gewone mensen daar het slachtoffer van. Niet de financieel welgestelde toplaag van de bevolking. Wie wel de financiële middelen heeft, zal de rekening betalen of andere mogelijkheden zoeken op de private markt. De rijke elite kan zelfs privéscholen betalen. Wie niet de middelen heeft, heeft geen andere keuze. Er ontstaat een tweedeling in de maatschappij. Het zet aan tot ontevredenheid en creëert terecht een gevoel van onrechtvaardigheid, zowel bij de kapitaalkrachtigen als bij wie het moeilijk heeft.

Antidemocratische gevoelens

Een toekomst met die gevoelens van ontevredenheid en onrechtvaardigheid, is niet wat we willen voor onze jongeren. Het brengt de waardigheid en de leefomstandigheden van mensen in gevaar, zelfs de toekomst van de Europese arbeidsmarkten en de economie. Kwaliteitsvol onderwijs op basis van publieke middelen is een voorwaarde voor onze democratie. Naast de brede ontwikkeling en het leren is de school de vrijplaats bij uitstek om elke jongere te vormen in kritisch denken. Daarom moet onze economie en het beleid zo vorm worden gegeven dat er universele garanties zijn. Belangrijke instrumenten zijn: de maximumfactuur in combinatie met een welvaartsvaste garantie op werkingsbudgetten voor onderwijs, een gegarandeerde personeelsomkadering om de kernopdracht waar te maken en een beleidsomkadering voor de organisatie van scholen. Dat is de basis voor kwaliteit en het vertrouwen in onderwijs. 

Nog meer en beter

Met een score van 7,3 voor onderwijs staat België in de top vijf. We kunnen en moeten nog meer en beter. De voorbije verkiezingsperiode zette onderwijs op de agenda! De vele uitgesproken engagementen vragen nu om daadkracht. Wij zijn partner!

Marianne Coopman
Hoofdartikel uit Basis-5 2019
(1) European Quality of Life Survey 2016, eurofound.link/ef1733. Gepubliceerd op 23 januari 2018.

Personalization